N° 3 2004
Juni/Juli



Schaamteloos

'Wie spreekt heeft iets te zeggen’, zegt Patricia de Maertelaere in dit nummer van Metropolis M. En dat ‘iets’ is meestal niet zomaar iets, maar ‘iets belangrijks’. Mogen we hopen voor de spreker en voor ons, de luisteraars. Maar voordat wij kunnen vaststellen of iets belangwekkend is, is er eerst alleen maar een spreker die begint te spreken. Dat vereist lef en schaamteloosheid.

In kunst is het niet anders. Eerst, als het begin van alles, is er de kunstenaar die gaat spreken. Zij die willen luisteren (of kijken), zijn van harte uitgenodigd. Zij die dat niet willen ook. Gesproken wordt er, hoe dan ook. Zonder eigendunk geen kunst. Beschaamde kunstenaars, ik ken ze niet. Bescheiden kunst, onbestaanbaar. Goede manieren, niet wenselijk. Stel je voor: kunst die de ander voor zou laten gaan met de opmerking: ‘Na u, alstublieft.’ Die is toch niet serieus te nemen. Nee, in de kunst is het eerder andersom. Of je iets te melden hebt of niet, je zegt: ‘Zie mij, dit ben ik, vergeet de rest, ik ben het waard.’ In het gewone leven wordt dat al snel negatief geduid. Heet het ijdel en brutaal, maar in de kunst gelden andere normen en waarden.

Na het zenden begint het ontvangen. Ontvangers van kunst hebben op hun eigen manier iets schaamteloos. Men is graag bereid de mededeling van de kunstenaar als belangwekkend aan te nemen, zo niet belangwekkend te maken, indien nodig, mocht de kunst wat dunnetjes zijn. Als barmhartige hoeders van het artistieke bestaan, stelt men de kunst aan de hele wereld ten voorbeeld. Zij is het schone geweten, de kritische observator, het rijke alternatief. Sommige ontvangers zijn zo enthousiast dat ze zelf een beetje zender worden. Als ware apostelen trekken ze over de wereld en dragen de blijde boodschap van de kunst uit, op zoek naar bekeerlingen.

Zenders zenden, al dan niet rekening houdend met het zendbereik, en de ontvangers gooien het vervolgens op een akkoordje. Zo was het, is het en zal het waarschijnlijk ook altijd blijven. En de Schoonheid, het Ware en het Goede dan, zijn dat dan geen absolute en universele kwaliteiten, waaraan kunst zich wil toetsen? Kunst zou wel willen: drager van eeuwige waarden, nu religie het laat afweten. Koester geen illusies. In de kunst verloopt alles volgens afspraak. En afspraken zijn altijd iets tijdelijks.

Het is dus opletten geblazen voor de ingewijden die in de kunst willen blijven meetellen. Pose, positionering, marketing, klantenbinding, op alle niveaus is aandacht vereist. Totale integratie is geen keuze maar bittere noodzaak. En zo blijkt de voor kunst zo typerende schaamteloosheid een verrassende partner te vinden in een rechttoe rechtaan burgerlijke moraal. Kunst is ineens niet zozeer het rijk van de vrije gedachte, wat haar mythische geschiedenis ons wil doen laten geloven, maar het reservaat van aangepaste geesten. Alleen zij die weten hoe het hoort, redden het. Alleen zij die bereid zijn de regels van het spel mee te spelen, hebben toekomst.

Kunst als een verhevigde vorm van fine tuning. Dat is nog eens iets anders dan vrije expressie. Verfijnde afstemming, het relativeert in een klap elke uitspraak van en over kunst, haar schaamteloosheid en onafhankelijk gezag. Spreken met lef, werkelijk baanbrekend, het is per saldo in kunst net zo zeldzaam als elders in de maatschappij. Even buiten de orde getreden en je bent al snel het zwarte schaap.

Domeniek Ruyters

Tactische televisie in Italië

01/06/04  David Garcia

Telestreet opereert tussen de legale en technologische mazen van het Italiaanse medialandschap.

Als medium bezit televisie een onmiddellijke toegankelijkheid die niet eens een conventionele geletterdheid veronderstelt.

Als Telestreet en alle andere tactische media hun karakteristieke ‘beet’ willen behouden, dan moeten strijdbaarheid, activisme en expressivisme alledrie aanwezig zijn.

Deleuze, Bergson, breuken in de tijd

01/06/04  Raoul Teulings

Bergson beschouwde tijd niet meer als ‘homogene momenten na elkaar’ maar als een heterogeen en door breuken gekenmerkt proces.

Deleuze stelt dat er een breuk in de waarneming heeft plaatsgevonden, waarvan de gevolgen voor zowel de productie als de perceptie van cultuur onderzocht moeten worden.

Een Deleuzeaanse kunstgeschiedenis wil de differentie benadrukken en aangeven dat sommige kunstwerken een andere context of paradigma nodig hebben.

Manifesta wordt elke editie weer opnieuw uitgevonden, waardoor de curatoren gedwongen zijn vertrouwd te raken met een geheel nieuwe locatie en een nieuwe organisatie.

Naar onze indruk is de politieke complexiteit van Baskenland enorm van invloed geweest op de ontwikkeling van Manifesta 5.

We zijn vooral geïnteresseerd in het ontdekken van andere manieren om de politieke realiteit te vertalen.

Droog serveren

01/06/04  Frederike Huygen

In plaats van de ethische positie telt nu de overtuigingskracht van fictie en retoriek.

Juist het speelse, studentikoze, humoristische en het relativerende karakter van de Droogvormgeving sprak aan. De wereld heeft behoefte aan amusement en frisheid.

Want kritiek (of de suggestie daarvan) en eigenzinnigheid maken het mogelijk dat deze vormgeving commercieel succesvol is. Ze verleent de opdrachtgever het predikaat ruimdenkend en vooruitstrevend.

Droog en de ontwerpers opereren vanuit de situatie van vandaag waarin publiek en privé, cultuur en commercie, high en low door elkaar lopen. Vaagheid, dubbelzinnigheid en het ongedefinieerde verheerlijkt men in een vloeibare, open cultuurindustrie.

1 2 3 4 5 »