Dark

ROTTERDAM
Museum Boymans Van Beuningen
18/02/06 - 17/04/06

Nog geen twee weken geleden kwam ik in Düsseldorf op straat tussen een honderdtal goths terecht. Ik sloeg een straat in en van de ene op de andere seconde bleek iedereen aan een strikte kledingcode te voldoen. Even dacht ik dat ik op een vampierhoogmis terecht was gekomen, maar de goths stonden gezellig samen te keuvelen met een glas in de hand. Op dit late uur en bij de schemerige straatverlichting zorgde deze Düsseldorfse scene voor een spektakel om u tegen te zeggen. Met hun theatrale uitmonstering, hun inktzwarte haar en donker omrande ogen leken de jonge lieden massaal uit kille grafkelders te zijn opgestaan.

Rondom dood hangt een stijl die momenteel kennelijk aanspreekt. Maar de leeftijd van deze goths in acht genomen - de meesten nauwelijks twintig - leek hun verschijning vooral op een afrekening met jeugd, puberen, blozen, limonade drinken met een rietje en verliefd worden op de buurjongen. De kunstwereld wenst haar echter serieus te nemen, zo bleek eerder uit Gothic Nightmares, een tentoonstelling over de levende gothic subcultuur in Tate Britain. De tentoonstelling toonde werk van kunstenaars als William Blake, Henry Fuseli als onderdeel van de romantische verbeelding die tweehonderd jaar geleden in zwang was op Britse bodem. Volgens Tate oefent de zwarte romantiek van toen nog altijd invloed uit, niet alleen op kunstenaars als Glenn Brown en Jake en Dinos Chapman, maar ook op de populaire cultuur. Van de doodskoppen van Douglas Gordon tot de aura van Marilyn Manson: de stap is niet zo groot. Wie een beetje rondstruint op deze tentoonstelling heeft het snel gezien: romantiek, van vampiers tot geschilderde idylles in een weelderige natuur, staat weer hoog op de agenda van de internationale kunst.

Ook de groepstentoonstelling Dark mikt op donkerte en een dito state of mind. Op het appèl verschenen geen neo-romantici die rechtstreeks refereren aan helden als William Blake of Casper David Friedrich. Wel werden kunstenaars geselecteerd met een belangstelling voor de duistere kant van het leven. Bekenden en oudgedienden werden afgewisseld met minder bekende, jonge kunstenaars, in de hoop een dialoog op gang te brengen tussen verschillende generaties. Aan de basis van Dark en de donkere trend ligt volgens curator Rein Wolfs ‘een streven naar authenticiteit: een nog weinig gebruikt en onpragmatisch begrip in een gecommercialiseerde samenleving’. Rein Wolfs nam voor de gelegenheid Jan Grosfeld in de arm, samensteller van de privé-collectie waarop Dark gebaseerd is. De bijdragen van de zeventien deelnemende kunstenaars werden gepresenteerd in de kabinetten van het Van der Steurgebouw, de oudste vleugel van het Boijmans. ‘Onzuivere ruimtes’, zo lees ik, omdat ze niet over de sober- of kaalheid beschikken van de gangbare white cube. In die kabinetten is het doorgaans aangenaam kunst kijken vanwege het ritmische tempo dat uit de kleine ruimtes voortvloeit. Desondanks was Dark een tentoonstelling die moeilijk bij elkaar te houden viel.

Dat er twee generaties naast elkaar verschenen, werk dat de ene keer wel en de andere keer veel minder goed overeind bleef, en sarcasten werden getoond naast kunstenaars die netjes binnen de lijnen kleuren, maakte Dark er niet per se logischer op. Maar ondanks het grillige totaalbeeld dook ook werk op dat Dark overeind hield. Zo was Kara Walker present met een reeks uitgeknipte silhouetten waarin ze racisme en genderkwesties aankaart. De Brit Angus Fairhurst toonde The Birth of Consistency, een glimmende, zwarte gorilla die zich zoals Narcissus spiegelt in een waterplas. Van de Amerikaan Gregory Crewdson was onder meer Ophelia te zien, een geënsceneerde foto van een vrouw die verdronk in een ondergelopen woonkamer. Marc Bijl zette een grote, bijenkorfvormige etalage neer in een met tekst volgeschreven ruimte. De etalage zette hij vol met spiegels en in logo’s verpakte verwijzingen naar macht en multinationals. Een uit de kluiten gewassen poging tot maatschappijkritiek, eerder dan duistere wetenschap, maar toch is de installatie kenmerkend voor veel werk op Dark.

In veel gevallen bleek de intentie belangrijker dan de overtuigingskracht en durfde de kunst naar vormeloosheid of vaagheid te neigen. Zo leverde Terence Koh ‘formerly known as asian punkboy’ een verblindend witte installatie die grotendeels uit cocaïne-achtig poeder was opgetrokken. De ijzige witheid wierp vruchten af, maar de naar drugs en hallucinaties verwijzende lading deed dat minder. Juergen Teller was van de partij met Motorhead Ed, een geboorteaankondiging, annex foto van zijn zoon. Teller fotografeerde de ongeveer een maand oude baby met een Hells Angels-kruippakje en een angstige blik in de ogen. Grappig, maar de diepere betekenis diende je er zelf bij te denken.

Dat de schilderijen van Luc Tuymans en de desolate, grijze foto's van Dirk Braeckman binnen een donkere, mentale context werden geplaatst, hoefde niet te verwonderen. Maar de rebelse, eventueel spitse of tegen conventies reagerende state of mind - zoals je die toch mocht verwachten op een tentoonstelling met de titel Dark - vond je hier niet. Ik had vooral moeite met de bepaalde combinaties, zoals de relatie die werd gesuggereerd tussen kunstenaars als Braeckman en Bijl, Tuymans en Fairhurst, Teller en Walker. Het sarcasme, de zwarte humor of de scherpe ironie van sommigen onder hen, leek volstrekt niet verenigbaar met de veel minder weerbarstige houding van anderen. Hoewel ik de poging tot het aantonen van een romantische verwantschap interessant vond, kon ik Dark uiteindelijk niet als een geslaagde missie beschouwen. Kortom, wie zocht naar de actualiteit kwam uit op een hybride groepsshow die alleen hier en daar verklaarde wat een donkere geesteshouding eigenlijk inhoudt.

Bestel dit nummer

Bestel het nummer waarin dit artikel is verschenen:

Bestel nu
Neem een abonnement op METROPOLIS M

Word nu lid en krijg het eerste jaar 40% korting op de winkelprijs

Bestel nu
METROPOLIS M Webshop

Koop abonnementen, nummers, boeken en edities in de webshop

Ga naar de webshop