Meer dan alleen kunst
Almere centraal in Museum De Stad


Mogelijke locatie museum De Stad in het nieuwe stadshart van Almere aan het water

Almere krijgt er in 2012 een nieuw stedelijk museum bij, of beter gezegd een museum waarbij ‘de stad’ het uitgangspunt zal vormen voor het tentoonstellingsbeleid. Onder de werktitel Museum De Stad presenteerde Rudi Fuchs in Casa CASLa de toekomstvisie voor het nieuwe museum, tijdens een speciaal belegde persconferentie.

Het moet een groot kunstcentrum worden, à la Centre Pompidou in Parijs, in het stadshart van Almere dat ruimte biedt aan de jonge historie van de stad, stadsontwikkeling en hedendaagse kunst rondom het thema ‘stad’. Onder andere Museum de Paviljoens, het Gemeentearchief Almere en het New Town Institute gaan er deel van uitmaken.

Hoewel het voorstel zich nog in de beginfase bevindt en zaken als locatie, architect en budget nog geen invulling hebben gekregen, is volgens Fuchs de ambitie duidelijk: een museum maken dat nog nergens ter wereld bestaat. Het onderwerp is de stad zelf. Fuchs wil in het museum de uniciteit van Almere als stad benadrukken. De stad is niet langzaam gegroeid, in een proces van vele jaren, vanuit een oude stadskern, maar alles is nieuw gebouwd, en alles is bedacht met een rede. Alle inwoners komen ergens anders vandaan, niemand komt uit Almere. De thema’s die in het museum uitgewerkt kunnen worden gaan uit van typisch Almeerse fenomenen, waarbij door een afgewogen combinatie van ‘dingen’, beelden, geluiden en sferen zintuiglijke ervaringen centraal staan.

Het museum moet een belangrijke publieke en educatieve functie krijgen. De doelgroep is daarom iedereen die in Almere woont of op bezoek komt. Daarmee wordt ook gemikt op een internationale doelgroep van stedenbouwkundigen, die een voorbeeld nemen aan het model van Almere.

De traditionele opvatting van een stedelijk museum is niet aan de orde. Een collectie komt er ook niet. “Het museum gaat niet verzamelen, maar met name gebruiken wat er voor handen is”, aldus Fuchs. Hiervoor heeft Fuchs toezeggingen gehad van instanties als het Rijksmuseum Amsterdam, het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen en het Nederlands Architectuurinstituut (NAi) in Rotterdam. Het gaat hierbij niet per definitie om de topstukken van deze instituten, de werken zijn ondergeschikt aan het verhaal. Van objecten als een scheepswrak van de bodem van het oude IJsselmeer en oude prenten uit het depot van het Rijksmuseum tot maquettes en audiovisuele media, zij moeten duidelijk maken wat Almere als stad zo uniek maakt in verhouding tot de klassieke stedenbouw in Nederland. Maar Fuchs kan zich ook voorstellen dat er een tentoonstelling komt waarbij een goede fotograaf als Rineke Dijkstra wordt gevraagd de verschillende mensen in de stad te fotograferen. Zo ontstaat er een mix tussen een kunst- en cultuurhistorische benaderingen.

In het gebouw krijgen de verschillende instellingen een eigen bouwgedeelte en expositieruimte. In de centrale tentoonstellingsruimte is het echter de bedoeling dat er gezamenlijke projecten tot stand komen met als thema de stad Almere.

Directeur van Museum De Paviljoens, Macha Roesink is ook positief gestemd over de plannen van Fuchs. In het zwaartepunt van het verzamel- en tentoonstellingsbeleid van De Paviljoens hebben altijd de maatschappelijke stedelijke ontwikkelingen en in het bijzonder Almere en het omliggende Flevolandschap centraal gestaan, waardoor het museum het eigen karakter kan behouden.

Het plan is dat er in de periode tussen 2009 en 2012 in Almere tentoonstellingen georganiseerd worden die de aard van Museum De Stad verhelderen.