metropolis m

Exhibition view of ‘Lutz Bacher: Burning the Days’, WIELS, 2026. Photo: Eline Willaert.

Lutz Bacher is haar leven lang een wat raadselachtig persoon geweest, een kunstenaar rondom wie altijd veel vragen zijn blijven bestaan. Haar overzichtstentoonstelling in WIELS, die eerder te zien was in het Astrup Fearnley Museum in Oslo, probeert dieper door te dringen in een praktijk die zich juist aan eenduidige interpretatie onttrekt.

Lutz Bacher (1943-2019) is het pseudoniem van een kunstenaar die haar echte naam nooit publiekelijk onthulde. Ze gaf bijzonder weinig interviews en verscheen bijna nooit op publieke gelegenheden. Een van de weinige zaken die wel bekend zijn, is dat ze getrouwd was met astrofysicus Donald C. Backer. Veel auteurs en curatoren wijzen er daarnaast op dat de voornaam Lutz niet nadrukkelijk mannelijk of vrouwelijk klinkt. Ook over haar nationaliteit bestaat soms onduidelijkheid. Zelf heeft zij die keuze nooit toegelicht.

Het gebrek aan uitleg en context bij haar werk werd bijna een handelsmerk: in vrijwel elke tekst en presentatie wordt het werk ‘ongrijpbaar’, ‘enigmatisch’ of ‘moeilijk te categoriseren’ genoemd. Het is waar dat er geen eenduidige beeldtaal is: Bacher beweegt zich tussen fotografie, installatie, video en sculptuur, en gebruikt daarbij meestal gevonden materiaal. Het komt zelden voor dat een kunstenaar het werk zo nadrukkelijk voor zich laat spreken, zonder persoonlijke statements of verklaringen. Bachers oeuvre nodigt uit tot meerdere lezingen en laat zich niet vangen in één interpretatie. Ook dit overzicht schetst het portret van een kunstenaar die compromisloos op haar eigen voorwaarden werkte en pas relatief laat institutionele erkenning kreeg.

Lutz Bacher, The Lee Harvey Oswald Interview (detail), 1976-78, 9 photostatic silver gelatin prints each 45.7 x 61 cm. Courtesy The Estate of Lutz Bacher and Galerie Buchholz

Vertekende waarheid

In de vroege reeks The Lee Harvey Oswald Interview (1976) zet Bacher de toon voor enkele belangrijke lijnen in haar praktijk. In dat jaar werd ze uitgenodigd voor een interview in boekvorm. Ze besloot niet over haar werk te spreken, maar zichzelf te interviewen over Lee Harvey Oswald, de verdachte van de moord op John F. Kennedy. Het ‘gesprek’ krijgt vorm in collages en Xerox-prints die de esthetiek van juridische of journalistieke documentatie nabootsen. Oswalds gezicht komt talloze keren voor.

In de tweede helft van de twintigste eeuw wordt de entertainmentindustrie steeds globaler. Hollywoodsterren groeien uit tot wereldwijde celebrities, maar ook seriemoordenaars en andere criminelen wakkeren een publieke fascinatie aan. Charles Manson verschijnt in 1969 op de cover van Life Magazine. Op die perverse verbinding van gevierde beroemdheden met criminelen en politici, zinspeelt Bacher vaker, ook in de reeks Jackie & Me (1989). Daarin vergroot ze een reeks pagina’s uit een boek van paparazzo Ron Galella. Bij foto’s van een vluchtende Jackie O. plaatste ze een citaat van Galella ‘the most desirable woman in the world wanted to be chased by me’. De ‘me’ in de titel is een zeer persoonlijke toevoeging, die doet vermoeden dat er toch meer directe connecties of aanleidingen voor de werken kunnen zijn. Het is een uitspraak die, zoals Juliane Rebentisch in de goed verzorgde catalogus schrijft, terugslaat op Bacher zelf, die door haar interesse voor Galella’s foto’s zijn ‘jacht’ bevestigt en herhaalt, net als het grote publiek dat niet uitgepraat raakt over Jackie Onassis.

Lutz Bacher, Jackie & Me, 1989 (print 6 of 7), Astrup Fearnley Collection, Oslo. Courtesy the Estate of Lutz Bacher and Galerie Buchholz

De twijfelachtige omgang met vrouwen en hun daarin besloten erotische verbeelding verkent Bacher in meerdere werken. Er is bijvoorbeeld een inhoudelijke link tussen de vluchtende Jackie en Sneeuwwitje, het meisje dat haar onschuld wilde bewaren door aan de jager te ontsnappen. Zij duikt op in een ander werk van Bacher. Enkel uit het label kunnen we afleiden dat de twee hermetisch afgesloten kisten (2009) spoelen van de originele Disneyfilm bevatten. Taal, en met name het tegenover elkaar plaatsen van woord en beeld, speelt in Bachers hele oeuvre een belangrijke rol. Dat is ook het geval in Jokes (1985-88), waarin ze pagina’s uit een stripboek uitvergroot. Bekende figuren, van filmsterren tot politici, krijgen grappige opschriften. Hier is het fictieve aspect heel duidelijk, maar speelt met het idee van humor als kritiek. Het beeld van Barry Goldwater met de tekst ‘It’s a great country where anybody can grow up to be President… except me’, klinkt nog cynischer in het Trump-tijdperk.

De reeks Bien Hao (2006-2016), bevat tien gevonden foto’s van een soldaat tijdens de Vietnamoorlog. Soldaat Walter schreef bij bijna elke foto een beschrijving en stuurde ze naar zijn geliefde. Bij een neergeschoten helikopter waarvan de bemanning ‘wonderlijk genoeg overleefde’, schrijft hij: ‘I think this is also a good picture.’ En als dat contrast al ijzingwekkend aanvoelt, dan komt er nog Men at War (1975), het vroegste werk in de tentoonstelling, waarin Bacher één negatief opdeelt in negen foto’s van Amerikaanse soldaten op een vrije dag aan het strand. Wie heel goed kijkt, ziet bij een van de mannen een hakenkruis op zijn borst, maar eigenlijk zijn de breed lachende gezichten van de mannen al genoeg om kippenvel te krijgen. Burning the Days wordt zo’n break van militairen in de Verenigde Staten genoemd. Uit haar omvangrijke archief blijkt dat Bacher deze titel koos voor een toekomstige publicatie.

Raadsels en readymades

De onzekerheid over feit en fictie in Bachers werk en leven, werd een vaste waarde. Ook wanneer ze open kaart lijkt te spelen, zoals in het essentiële project Do You Love Me? (1994), blijf je als toeschouwer met veel vragen over haar bedoelingen achter. Behalve een vergeefse poging om het artistieke discours te controleren, is de twaalf uur durende video vooral een liefdevolle hommage aan de mensen die haar omringen.

In 2016 hield ze per grote uitzondering een performatieve lezing tijdens haar tentoonstelling in de Wiener Secession. Monotoon en traag vertelt ze anekdotes uit haar kindertijd, waarbij ze af en toe haar lach niet kan bedwingen. Ze vertelt hoe ze een schroom voor publiek spreken ontwikkelde en hoe de schooldirectrice haar eens aanmaande om zich ‘like a lady’ te gedragen. Over de lessen religie in haar vroege tienerjaren zegt ze: ‘There were questions and answers to memorize. I was never very good at memorization. But then I realized, weren’t you supposed to figure out what you believe for yourself?’ Ongeacht of de anekdotes waar(achtig) zijn of niet, kadert deze vraag haar hele praktijk.

In 2010 hernoemde ze het kort daarvoor publiek gemaakte persoonlijke archief tot The Betty Center. Vijf jaar lang worstelden medewerkers van Astrup Fearnley Museet en WIELS zich door de handgeschreven notities, geprinte e-mails en werkdocumenten ter voorbereiding op de tentoonstellingen. Uit al dat materiaal blijkt dat we Bachers praktijk zeker niet willekeurig of onpersoonlijk mogen noemen. Integendeel: ze zit vol diep persoonlijke verbanden.

Volgens de Noorse co-curator Solveig Øvstebø, die samen met Helena Kritis verantwoordelijk is voor de tentoonstellingen in Oslo en Brussel, ‘propageerde Bacher het idee dat kunstenaars zich tot het leven kunnen verhouden met wat de wereld zelf al heeft voortgebracht’. Ze gaf haar entourage steevast de opdracht bijzondere voorwerpen voor haar te vinden, die ze dan gebruikte in haar werk. In ruil stuurde ze ook vaak ‘geschenken’ naar vrienden en professionele contacten.

Exhibition view of ‘Lutz Bacher: Burning the Days’, WIELS, 2026. Photo: Eline Willaert.

Een sleutelwerk in de tentoonstelling bij WIELS komt uit de privécollectie van Belgische modemaker Raf Simons. De ruimtevullende installatie Chess (2012) brengt een kartonnen Elvis, een T-Rex, een papier-maché kameel en twee helften van monumentale schaakstukken samen op een schaakbord (dat eigenlijk een QR-code-achtige mengeling van pixels is). Centraal in deze bende staat een (gevonden) kopie van Duchamps fietswiel. Ook het schaakbord zelf is onmiskenbaar een hommage aan de kunstenaar die bekendstond om zijn liefde voor schaken en er in meerdere werken naar verwees.

Duchamp legde nooit zijn werk uit en zette de kijker als het ware schaakmat met een wirwar van raadsels, woordspelingen en (drie)dubbele betekenissen waarover academici zich nog altijd het hoofd breken. Hij speelde bovendien met zijn eigen biografie, onder meer door op te treden onder zijn alter ego Rrose Selavy. Zijn readymades worden vaak begrepen als voorbodes van de conceptuele kunst.

Bacher hanteerde gelijkaardige methodes, maar richtte zich op massaal geproduceerde consumptiegoederen in scherp gekozen associaties of bewerkingen. Door bestaande beelden uit te vergroten, een elektronisch orgel in verband te brengen met tinnen buizen als extreem uitgerekte kogels, trollenpoppetjes als filmsterren op te dirken en stressballen te associëren met sterrenstelsels, zoekt Bacher naar interne tegenstellingen. Het is een genuanceerd spel met betekenis, waarin ze de kijker uitnodigt het eenzijdige perspectief los te laten en niet in het minst ook de eigen positie in aanmerking te nemen.

Exhibition view of ‘Lutz Bacher: Burning the Days’, WIELS, 2026. Photo: Eline Willaert.

Bacher overleed in 2019. Trump naderde het einde zijn eerste ambtstermijn, #MeToo en Black Lives Matter schudden de wereld wakker. Slechts zeven jaar en een pandemie later lijken we ons in een totaal andere wereld te bevinden. Een wereld waarin iedereen verdeeld is tussen ‘woke’ en ‘anti-woke’, en waarin post-truth de norm is geworden, alsof we ooit wél konden rekenen op één echte waarheid. Bachers houten constructies, Bison (2012), met ijzerdraad en net voldoende papier-maché om de figuur van een bizon te laten opdoemen, lezen vandaag als het symbool van de Verenigde Staten in verval.

De tentoonstelling bij WIELS maakt duidelijk dat Bacher een kunstenaar met een bijzondere intelligentie is, die er – mogelijk net door haar enigma of door spelingen van het lot – in slaagt de chaos van de wereld te vertalen naar werk dat vandaag nog hedendaagser voelt dan toen ze het maakte.

DEZE TEKST IS GEPUBLICEERD IN METROPOLIS M NR 3-2026 NOSTALGIE

Lutz Bacher, Burning the Days
WIELS, Brussel
t/m 9.8.2026

Tamara Beheydt

kunstcriticus en curator

Recente artikelen