
Moet de documenta er maar mee stoppen?
Er is weer rumoer rond de documenta. Na de bekendmaking van het curatorenteam van artistiek leider Naomi Beckwith, klinkt online de roep om er maar helemaal mee te stoppen. Wat is er aan de hand?
Een deel van de culturele wereld is helemaal klaar met de documenta, zeker in Duitsland, waar de kunstwereld al jaren zucht onder de rechtlijnige pro-Israëlkoers van opeenvolgende regeringen. Openlijke ondersteuning voor de Palestijnse zaak is in Duitsland vrijwel onmogelijk en kan zelfs tot vervolging leiden wanneer Israël te hard wordt aangepakt, met als gevolg dat kunstinstellingen het onderwerp zeer omzichtig aankaarten, zo niet volledig mijden, zo ook de documenta.
Ook nu je in de regering van het land heel voorzichtige kritiek op Israël kunt horen, blijft haar pro-Israëlkoers ongewijzigd. De oorzaak van het probleem zit hem niet eens zozeer in de historische gevoeligheid van de Duitse regering voor kritiek op Israël, maar vooral in de definitie van antisemitisme die daarbij wordt gehanteerd. Sinds 2017 volgt de regering de uit Amerika overgenomen IHRA werkdefinitie van antisemitisme, die niet alleen elke vorm van Jodenhaat omvat, maar ook krachtige kritiek op Israël. Het kadert elke vorm van kritiek op Israël als antisemitisch en dus strafbaar. Voor het uiten van de leus ‘From the River to the Sea’ kun je worden opgepakt.
Na de hectisch verlopen documenta fifteen heeft de Duitse overheid bedongen dat de IHRA werkdefinitie onderdeel wordt van de Code of Conduct van de documenta. De organisatie committeert zich aan dit officiële regeringsstandpunt, zo ook de artistieke leiding die sinds een klein jaar is toevertrouwd aan de Amerikaanse curator Naomi Beckwith. Er is een aparte wetenschappelijke raad ingesteld van ‘onafhankelijke deskundigen’ die op elk moment in het artistieke proces van de documenta mogen ingrijpen als zij vinden dat de regels geschonden worden.
Critici stellen dat de documenta daarmee een propaganda-instrument van de pro-Israëlkoers van de Duitse regering geworden is. Ze zal, conform het regeringsbeleid, elke vorm van Israëlkritiek mijden, en is daarmee medeschuldig aan het ontkennen van de genocide van Israël in Gaza.
Schone schijn
Toen vorige week het all female artistieke team van de al eerder aangestelde artistiek leider Naomi Beckwith bekend werd gemaakt, brak er op social media een storm van kritiek los. Hoewel de organisatie zelf trots repte van het eerste volledig vrouwelijke artistieke team ooit, werd er op internet cynisch gesproken van art washing van een staatsgeleid instituut dat er belang bij heeft de aandacht af te leiden.
Kunstenaar en activist Adam Broomberg schreef op Instagram dat het er weinig toe doet wat er straks op de documenta te zien zal zijn, de primaire taak van dit volledig vrouwelijke curatorenteam is het uitvoeren van censuur. Ze hebben zich gecommitteerd aan een politiek van ontkenning, precies zoals de Duitse regering (overigens net als de Nederlandse) de huidige genocide ontkent. ‘Genocide is niet alleen een poging om mensen fysiek te vernietigen, maar ook om hun bestaan, hun herinneringen en hun menselijkheid uit te wissen’, schrijft Broomberg. ‘Wanneer erkenning wordt onthouden, wordt de logica van uitwissing van de daders uitgebreid: slachtoffers worden behandeld alsof ze nooit hebben geleefd, of alsof hun lijden er niet toe doet.’
De cultuurcriticus Mohammed Salemy traceerde in een lang stuk op de website &&& de nazistische wortels van de documenta die met de vorige editie voor iedereen zichtbaar geworden zijn. Hij rept van het morele failliet van een in het slop geraakte tentoonstelling, die al meerdere edities de eigen ambities niet meer waar kan maken. De met handen en voeten aan het nieuwe statuut gebonden artistieke leiding van de komende documenta 16 zal hier geen verandering in kunnen brengen. De artistieke leiding is gedoemd te mislukken, zo stelt hij.
Antifascisme
Sinds documenta fifteen weten we dat het democratische ideaal waarmee de tentoonstelling na de oorlog de nieuwe antifascistische waarden van het land wilde uitventen, eindig is gebleken en op zijn grenzen is gestuit. Een billboard van Taring Padi waarop een in de stijl van een nazistische antisemitische karikatuur geschilderde kritiek op de huidige totalitaire koers van Israël te zien was, werd nog voor de opening gecensureerd. Die ingreep was gezien de antisemitische aard van het detail in het werk van Taring Padi misschien te begrijpen, maar niet de op een hetze lijkende campagne van de Duitse overheid en de grote Duitse media die zich vervolgens ontspon jegens alles en iedereen die verantwoordelijk was voor de documenta, voorop de artistieke leiding van ruangrupa. De hele tentoonstelling werd onder een vergrootglas gelegd, waarbij alles dat enigszins zweemde naar Israëlkritiek aan de schandpaal is genageld.
Salemy ziet het als het bewijs dat de tentoonstelling niet in staat is geweest zich te ontworstelen aan de nazistische wortels van haar oprichters. Die suggestie gaat misschien wat ver, maar je kunt wel stellen dat de Duitse politiek en mainstream media gezien hun voortdurende aanvallen op ruangrupa en de documenta niet veel geleerd hebben van de voorgaande edities van de documenta, en al helemaal niet van documenta fifteen zelf. De laatste documenta beoogde het perspectief van de altijd westers gedomineerde tentoonstelling radicaal naar het mondiale zuiden te verschuiven. Toen het dat ook deed en een gedekoloniseerd perspectief op het Westen bood met meerdere ongemakkelijke discussiepunten, was het huis direct te klein.
Censuur is nu een vast onderdeel van de tentoonstelling die zich gehouden weet aan de officiële regeringslijn
Verloren gezag
De huidige discussie online concentreert zich op het verlies aan moreel gezag van de documenta, terwijl het juist dat was waar de tentoonstelling zich op voorstond. Kassel gold vanaf de oprichting in 1955 als het uithangbord van het Vrije Westen tegenover de rest van de wereld, met name het Oostblok. De documenta stond voor vrijheid en het vrije woord, maar ook voor internationale dialoog. Er werd geen confrontatie gezocht met het Oostblok, maar een culturele uitwisseling. In reactie op het fascistische nazisme dat Duitsland in de afgrond had gestort, wilde Duitsland aan de wereld laten zien dat het land het fascisme achter zich had gelaten. De tentoonstelling was het Nie Wieder van de Duitse culturele wereld.
Er is door de Duitse overheid bij documenta fifteen gekozen voor actieve politieke bemoeienis met de structuur van de tentoonstelling, voor een politiek bevooroordeelde benoemingscommissie (met een Israëlische curator) en een machtig ‘onafhankelijk’ wetenschappelijk adviesorgaan. Terwijl er ook gekozen had kunnen worden voor dialoog, het zoeken naar wederzijds begrip, een uitwisseling en bijstelling van standpunten. Taring Padi heeft snel erkend te ver te zijn gegaan met de karikatuur, daarvoor zelfs excuses aangeboden. Er is niet meer naar geluisterd.
Met de keuze voor de harde lijn is de documenta het in jaren zorgvuldig opgebouwde morele gezag kwijt, in ieder geval bij een deel van de Duitse culturele wereld. Censuur is nu een vast onderdeel van de tentoonstelling die zich gehouden weet aan de officiële regeringslijn, die geen enkele vorm van kritiek zal dulden. De nu aangestelde curatoren, op zich een ploeg met een grote staat van dienst, zullen hun mogelijke kritiek op Israëls genocide in Gaza voor zich houden. Wat des te pijnlijker is als je weet dat de Duitse politiek (overigens net als de Nederlandse) via de verleende militaire steun aan Israël in een directe lijn te brengen is met de oorlogsmisdaden die zich nu in Gaza voltrekken.
De documenta is op haar manier Too Big Too Fail gebleken, er zal hoe dan ook een nieuwe editie komen
Vervolg
Je kunt stellen dat het maar een klein deel van de culturele wereld is dat zich nu zo fel uit op internet. Dat de kunstwereld in meerderheid gewoon een grote tentoonstelling wil met artistiek relevante thema’s zoals de documenta altijd bood. Maar die meerderheid gaat voorbij aan de politieke missie die de documenta zich vanaf het begin heeft opgelegd. Dit is geen tentoonstelling die kan doen alsof politiek niet bestaat. Je kunt hier als curator en kunstenaar niet aan deelnemen alsof het beleid van de regering geen factor van belang in de tentoonstelling is. Documenta is het culturele paradepaardje van de Duitse overheid.
Juist om die reden zullen er tegelijkertijd straks genoeg kunstenaars zijn die niet moeilijk gaan doen over de Code of Conduct en de limieten die aan hun artistieke vrijheid worden opgelegd. Ze negeren het bestaan ervan en laten de politieke discussie maar al te graag aan de Duitse politiek. Cosima von Bonin hing een paar maanden terug al slingers op in de stad, ter gelegenheid van de zeventigste verjaardag van de documenta, in een eerbetoon aan Joseph Beuys. Zij zal niet de enige kunstenaar zijn die hoopt, misschien zelfs gelooft, met de eigen bijdrage de tentoonstelling de goede richting op te duwen en weer een toekomst te geven.
Salemy lijkt er zelf ook zo over te denken. De documenta is op haar manier Too Big Too Fail gebleken, er zal hoe dan ook een nieuwe editie komen. Aan het eind van zijn stuk stelt hij dat Beckwith er goed aan doet Israël maar beter helemaal te mijden. De confrontatie zoeken heeft geen zin en dus kan ze beter dat doen waar ze goed in is, en waarop de uit New York afkomstige ‘eerste vrouwelijke Zwarte curator van de documenta’, zoals de organisatie telkens schrijft, waarschijnlijk ook op is uitgekozen: de aandacht richten op Afro-Amerikaanse kunst en haar wortels op het Afrikaanse continent en wereldwijde invloed. Dat is een onderwerp dat in Kassel nog nauwelijks goed is aangekaart.
Tegelijkertijd is het wel zeker dat de critici die zich nu zo luid laten horen zich niet zullen laten muilkorven. En dus wacht Kassel een hete zomer in 2027 en veel rumoer op weg daar naartoe.
Domeniek Ruyters
is hoofdredacteur van Metropolis M




