
Cherish Menzo – Gelaagd, gewaagd en sociaal bewogen
Er zijn weinig choreografen die zo treffend actuele thema’s weten aan te snijden als Cherish Menzo. Met fijnzinnige scherpte zoekt ze manieren om de economieën en structuren te ondervragen waaraan het lichaam, en dan met name het Zwarte en vrouwelijke lichaam, zich onderworpen weet.
In een zwart, glimmend, opgeblazen ‘vuilniszak-pak’ beweegt de Nederlandse danser en choreograaf Cherish Menzo (1986) vertraagd over het toneel. Enkel belicht door vloerlampen reflecteert het zwarte latex de contouren van een amorf lichaam, dat kronkelt en deint op diepe hiphop bastonen. We kijken naar JEZEBEL, een dansvoorstelling die Menzo in 2019 ontwikkelde om de representatie van Zwarte vrouwen en vrouwen van kleur aan de kaak te stellen, met name in de hiphop uit de late jaren negentig. Zwarte vrouwen worden in dat muziekgenre vaak opgevoerd als ‘jezebels’, de negentiende-eeuwse term voor een seksueel onverzadigbare Zwarte vrouw, dat gebruikt werd ter onderscheid met de veronderstelde kuisheid van de witte, onschuldige, victoriaanse vrouw. Het is een racistische stereotypering die ook werd misbruikt door slavenhouders en Europese kolonialisten om verkrachting te rechtvaardigen, tot in de rechtszaal aan toe.
Video Vixens, ook wel hiphop honey’s of videogirls genoemd, worden vaak beschouwd als de jezebels van de late jaren negentig en begin jaren 2000. Gehuld in zo min mogelijk kleding die de rondingen accentueert, dansen de hiphop-honey’s prominent in beeld of flankeren de vaak mannelijke rapper die meent bij gratie van hun sensuele aanwezigheid in aanzien te stijgen. Menzo’s JEZEBEL verzet zich tegen deze racistisch gekleurde eenduidige definitie van vrouwelijkheid en laat zien dat deze vrouwen, hun rol en vooral dat wat het Zwarte, vrouwelijke lichaam duidt veel verder gaat dan deze oppervlakkige, hyper-geseksualiseerde en passieve vrouwfiguur. De choreograaf creëert en onderzoekt verschillende versies van dat stereotype door haar eigen lichaam eraan te onderwerpen en vindt zo nieuwe vormen en uitingen van een jezebel die eigenzinnig, geëmancipeerd en bij vlagen ronduit grappig is.
Het zwarte vuilniszak-pak is dan ook slechts één van de toneelbeelden die Menzo inzet in JEZEBEL. Het roept – met name bij millennials en liefhebbers van jaren negentig hip hop en R&B – ongetwijfeld herinneringen op aan de videoclip van The Rain (Supa Dupa Fly) uit 1997 van de Amerikaanse rapper Missy Elliot. Missy schetst daarin een droombeeld dat nog steeds, ruim 25 jaar later, in een onmogelijk verre toekomst lijkt te liggen. Haar stijl, fysieke bewegingen, seksualiteit en lef markeerde een kantelpunt en antithese tegen de manier waarop vrouwen zich in de hiphop mochten en konden profileren. Het gaf vrouwen van kleur in één klap toestemming om anders te zijn, excentrieker wellicht, maar vooral humoristisch, sexy en serieus tegelijk.
Net als Missy Elliot stelt ook Menzo het vrouwbeeld op de proef, niet in de laatste plaats omdat Menzo, net als Elliot, haar eigen werk choreografeert, produceert, schrijft en cureert. Een ander voorbeeld biedt de scène in JEZEBEL waarop het oranje rubberen kostuum wordt onthuld, als Menzo wijdbeens schuddend met haar hoofd in haar nek haar bontjas van haar schouders laat glijden. In plaats van een veiligheidsoranje rubberen overall zoals bij Missy Elliot in dezelfde videoclip is te zien, tekent zich in Menzo’s kostuum haar lichaam af dat op het toneel verstilt en transformeert. Ze beweegt in een koortsachtige cadans, alsof ze haar eigen lichaam in de huid van nieuwe wezens wil laten schudden.
Het werk van Menzo heeft overeenkomsten met dat van andere jonge, vrouwelijke choreografen van kleur, waarin persoonlijke narratieven in relatie tot identiteitspolitiek prominent voor het voetlicht worden gebracht
Een wedstrijd, een gevecht
Op haar negentiende deed Menzo auditie voor de jazz- en musicalopleiding aan de Hogeschool voor de Kunsten in Amsterdam, om vervolgens in 2013 af te studeren van de inmiddels opgeheven opleiding The Urban Contemporary. Sindsdien onderzoekt Menzo doorlopend hoe het Zwarte lichaam in de popcultuur vorm krijgt en daarmee aan een specifiek waardesysteem wordt onderlegd. Dit onderzoek werd direct zichtbaar in haar duet EFES, dat ze in 2016 samen met Nicole Geertruida maakte en dat in première ging op het Amsterdam Fringe Festival. In het duet dragen beide dansers witte geplooide rokjes die lijken op tenniskleding en gaan ze ogenschijnlijk de strijd met elkaar aan door afwisselend steeds dezelfde bewegingen tot volledige uitputting te herhalen. EFES doet automatisch denken aan een wedstrijd, een gevecht wellicht. Het publiek zit rondom het toneel, als in een kleine arena. De twee Zwarte dansers tonen zich haarfijn bewust van de competitie die zich tussen hen afspeelt en van de haast onvermijdelijke neiging tot vergelijking en beoordeling die dit bij de kijker oproept.
Groot succes oogst Cherish Menzo momenteel met ̶D̶A̶R̶K̶MATTER, een door Europa toerende voorstelling die ze samen met Camilo Mejía Cortés creëerde en die in 2022 in première ging bij het Kunstenfestivaldesarts in Brussel. Deze zomer was de voorstelling onder andere te zien als onderdeel van het prestigieuze Tanz im August festival in Berlijn en dit najaar wordt ̶D̶A̶R̶K̶MATTER nog in verschillende theaters in Duitsland, Finland en Frankrijk opgevoerd. Voorafgaand aan iedere voorstelling nodigen beide makers elk een tiental personen uit de lokale Afrikaanse diaspora uit om deel te nemen aan een workshop waarin ze gezamenlijk een distorted rap choir vormen. De raps die ze tijdens deze workshops ontwikkelen, vormen de soundtrack voor de betreffende voorstelling. ̶D̶A̶R̶K̶MATTER zet het idee van een ogenschijnlijke waarheid op scherp, voelt bij vlagen (met opzet) buitenaards, is puur en prachtig. Wat weten we eigenlijk over ons bestaan in een universum dat voornamelijk uit donkere materie bestaat? Kan deze enorme massa gebruikt worden om lichamen te bevrijden van ogenschijnlijk rigide categoriseringen? Vragen als deze vormen de drijvende kracht achter de voorstelling, al zijn er nog vele andere bronnen in te ontdekken.
Menzo en Cortés putten inspiratie uit het posthumanisme en afrofuturisme. De term afrofuturisme werd in 1993 geponeerd door cybercultuurtheoreticus Mark Dery om de culturele samenvloeiing van traditionele Afrikaanse motieven met de groeiende internetcultuur te beschrijven. In de toepassing ervan door Menzo staat met name het idee van transformatie centraal. Door te spelen met herkenbare referenties – zoals het zwarte vuilniszak-pak in JEZEBEL – zet de choreograaf haar publiek op een dwaalspoor, waardoor alles wat vertrouwd en bekend voelt binnen de kortste keren ook weer wordt gedeconstrueerd en van nieuwe connotaties voorzien. De realiteit die we denken te kennen, is zelden de waarheid, lijkt Menzo te willen benadrukken. Tegelijkertijd werpt ze verschillende vragen op over hoe raciale en genderspecifieke lichamen weerstand kunnen bieden aan de structurele en sociale krachten die hen vastleggen in stereotyperende categorieën.
De invloeden van het afrofuturisme worden fysiek tastbaar op het podium, bijvoorbeeld in het gebruik van donkere vloeistoffen en stoffen. Maar ook de soundtrack van de voorstelling roept vragen op: kunnen onze lichamen enkel meebewegen op het giftige ritme van het kapitalisme of bestaan er manieren om deze ritmes van tempo en textuur te veranderen? Net als JEZEBEL, opereert ̶D̶A̶R̶K̶MATTER in de lagere en tragere frequenties die af en toe worden doorkliefd door een slimme inzet van geluid en muziek. De stem staat daarin centraal, met name in relatie tot rap; hoe de woorden klinken is net zo belangrijk als wat de woorden betekenen. Naast JEZEBEL is ook dit werk deels geïnspireerd op de chopped & screwed muziekbeweging uit de vroege jaren negentig, een remix-techniek binnen de hiphop, waarbij het tempo van de muziek sterk wordt teruggedraaid. Menzo en Cortés maken een vertaalslag van deze muziektechniek naar een bewegingsvocabulair dat weerstand biedt tegen datgene wat veel populaire moderne en hedendaagse dans karakteriseert. Choreografen gebruiken vaak muziek in een hoog tempo en neigen regelmatig naar een zekere mate van overproductie, spektakel en opzwepende collectieve frases die het publiek automatisch meevoeren. Hoewel dit zeker meeslepend kan zijn, vormt een werk als ̶D̶A̶R̶K̶MATTER een belangrijk tegengeluid. Het langzamere tempo opent mogelijkheden tot een diepgaandere analyse van het werk.
Frame voor frame
De gelaagdheid aan thema’s die Menzo en Cortés langzaam ontvouwen, voegt een rijke textuur toe aan de voorstelling, zowel met betrekking tot de dansers als tot de ruimte waarin ze zich bewegen. ̶D̶A̶R̶K̶MATTER voelt soms alsof je een film of videoclip frame voor frame bekijkt, waardoor verschillende wijd uiteenlopende vragen boven komen borrelen. Wat zou er gebeuren als je je mooiste herinnering tot in de eeuwigheid kon ervaren? Hoe kan dit belichaamd worden in een wereld die (nog) niet bestaat? Hoe kan het (Zwarte) lichaam radicaal worden herzien? Waar eindigt een lichaam? Gezien de mate waarin de geschiedenis van de moderne dans onweerlegbaar verbonden is met geracialiseerde ideeën over het lichaam, verwijst Menzo’s intertekstuele werk ook naar de film- en muziekgeschiedenis, verteltradities en Zwarte theorie. Ze gebruikt deze verbindingen om een nieuwe visie op een toekomst te construeren waarin barrières en stereotype ideeën over (het lichaam van) de Zwarte vrouw opnieuw worden gecontextualiseerd.
Het werk van Menzo vindt daarin overeenkomsten met dat van andere jonge, vrouwelijke choreografen van kleur, waarin persoonlijke narratieven in relatie tot identiteitspolitiek prominent voor het voetlicht worden gebracht. Denk bijvoorbeeld aan de Amerikaanse Kija Labeija, wier werk thema’s als identiteit, ruimte, herinnering, schoonheid en vrouwelijkheid verkent. Zo is haar veelgeprezen serie, getiteld 24, een socio-politiek commentaar op de gevolgen van opgroeien met HIV. Dan is er de Dominicaanse conceptuele choreografe Ligia Lewis wier praktijk zich richt op historische, politieke, anekdotische en mythische narratieven waarmee ze het snijvlak verkent tussen plezier en leed veroorzaakt door momenten van ophef of schandaal. Hoewel Lewis in haar werk experimenteert met de grenzen van representatie, loopt het Zwart-feministisch denken als een rode draad door haar voorstellingen waarin ze ernaar streeft ideeën over representatie te ontwrichten. Zodoende kneedt ook Menzo een gedachtegoed dat nieuwe vormen van zijn en welzijn bemachtigt, die zelden of nooit onderdeel zijn geweest van de Zwarte (vrouwelijke) ervaring. In haar onderzoek ontleent Menzo ideeën uit het posthumanisme, afrofuturisme en transhumanisme om een nieuw, enigmatisch, futuristisch lichaam te creëren. Haar praktijk is daarmee een manifest in het terugvorderen van dat wat ooit gestolen is: identiteiten, lichamelijke vrijheid, seksualiteit. Een herschrijving van een verloren of gestolen verleden. Ze legt daarbij de focus op terugkerende cycli binnen de Zwarte vrouwelijke ervaring, waarbij ze het medium van performance inzet als krachtige verhalenverteller.
Ondanks de vele prangende vragen die ze oproepen, werken Menzo’s choreografieën niet naar een conclusie toe. Haar werk bouwt juist voort op een vorm van dans en choreografie die altijd aan zichzelf kan ontsnappen, maar zichzelf ook telkens opnieuw weet te bevestigen in een constante loop van herdefiniëring en herprogrammering. Voor Menzo ligt hierbij de nadruk niet alleen op de verrijking van het Zwarte vrouwelijke lichaam maar vooral op het vieren van de Zwarte vrouw in al haar veelzijdigheid.
Cherish Menzo: ̶D̶A̶R̶K̶MATTER
spielart festival, Munchen, Duitsland
31.10 & 1.11.23
festival moving in november, Helsinki, Finland
11.11 & 12.11.23
festival d’automne, Parijs, Frankrijk
16, 17 & 18.11.23
Judith Vrancken





