
In Memoriam David Hockney (1937-2026) – de groot teckelliefhebber, verstokte roker en invloedrijke schilder en fotograaf is overleden op 88-jarige leeftijd
David Hockney is dood. De gevierde Britse kunstenaar, een van de meest geliefde schilders van de laatste decennia is op 11 juni 2026 overleden in zijn huis in Londen, één maand voor zijn 89e verjaardag.
Thema's
Van traditionele media zoals tekenen, schilderen, grafiek, decorontwerp en fotografie tot nieuwe media zoals kopieerapparaten, faxmachines, computers, iPhone- en iPad-tekeningen en glas-in-loodkunst: David Hockney (geboren op 9 juli 1937 in Bradford, West Yorkshire, Verenigd Koninkrijk – overleden op 11 juni 2026 in Londen) combineerde uitzonderlijk vakmanschap met scherpe observatie, een diep begrip van kunstgeschiedenis en een openheid voor moderne technologie. Deze brede verkenningen inspireerden later zijn bekende uitdrukking: ‘de hand, het oog en het hart’, gebaseerd op een oud Chinees spreekwoord dat uitdrukt dat schilderkunst de integratie van alle drie vereist. Zoals hij zelf geloofde: “met twee kom je er niet.”
Vooral de laatste jaren leek zijn faam onbegrensd, nadat hij zich in 2019 op het landschap richtte, soms gemaakt op iPhone. Maar in zijn zeven decennia omvattende carrière was hij vaker een invloedrijke stem geweest in de ontwikkelingen in de Britse kunst. Zijn experimenten in diverse media werden al vanaf de vroege jaren zestig nauwgezet gevolgd door westerse kunstinstellingen.
De jaren zestig vormden een cruciaal keerpunt in de ontwikkeling van Hockneys stijl. Hij liet zijn vroege experimenten met abstract expressionisme achter zich en richtte zich op figuratie en lineaire beeldtaal, twee benaderingen die destijds weinig populair waren. Nadat hij in 1964 van Londen naar Los Angeles verhuisde, begon hij de verleidelijke charme van de stad vast te leggen vanuit het perspectief van een buitenstaander. Deze nieuwe omgeving inspireerde zijn iconische verbeeldingen van de Zuid-Californische levensstijl, waaronder Beverly Hills Housewife (1966) en zijn beroemde zwembadserie, met name A Bigger Splash (1967), die beide worden beschouwd als klassieke meesterwerken.
Daarbij viel hij op door zijn tegendraadsheid. Toen iedereen zich op de moderne media richtte, ging hij zich juist toeleggen op het portrettengenre. Het maakte hem een veelgevraagd portrettist in welgestelde milieu. Beroemd zijn zijn dubbelprotretten zoals Christopher Isherwood and Don Bachardy (1968) en Mr and Mrs Clark and Percy (1971). Fotografie werd een belangrijk hulpmiddel bij de voorbereiding van deze werken en van schilderijen zoals Portrait of an Artist (Pool with Two Figures) (1972), hoewel Hockney later vond dat deze werkwijze te afhankelijk was van fotorealisme. Sindsdien gebruikte hij geen fotografie meer voor portretten.
Zijn intellectuele nieuwsgierigheid en verlangen om waarneming en representatie te onderzoeken leidden tot een langdurige en verkennende relatie met fotografie en perspectief. In de jaren tachtig experimenteerde hij diepgaand met fotografie en ontwikkelde hij zijn beroemde fotografische collages. Met behulp van een kubistische beeldtaal combineerde hij meerdere gezichtspunten in tweedimensionale beelden, waardoor het verloop van tijd werd gesuggereerd en het vaste perspectief van camera en waarnemer in de westerse kunst werd uitgedaagd, zoals in Pearblossom Hwy., 11–18th April 1986.
Vanaf het einde van de jaren negentig tot in de vroege jaren 2000 wijdde Hockney een belangrijk deel van zijn praktijk aan het onderzoeken van de technieken en werkwijzen van westerse kunstenaars vanaf de vijftiende eeuw, met bijzondere aandacht voor hun gebruik van optische hulpmiddelen.
In het begin van de jaren 2000 leidde Hockneys terugkeer naar Yorkshire tot een hernieuwde betrokkenheid bij de landschappen van zijn geboortestreek. Dit resulteerde in de intensieve aquarelserie Midsummer: East Yorkshire (2004) en ambitieuze olieverfschilderijen op meerdere doeken, waaronder Bigger Trees near Warter (2007).
Vanaf 2007 werden digitale technologieën, met name de iPhone en iPad, een centraal onderdeel van zijn werk. Hij omarmde deze hulpmiddelen vanwege hun directheid en geschiktheid voor tekenen in de open lucht. In 2019 begon Hockney te werken vanuit het huis en atelier van zijn partner in Normandië. Daar herontdekte hij het weelderige landschap en de vier seizoenen na jaren in Los Angeles. Hij maakte inkttekeningen, schilderijen en talloze iPad-werken, waaronder het monumentale digitale fries A Year in Normandie (2020–2021), een negentig meter lang panoramisch iPad-schilderij geïnspireerd door het Tapijt van Bayeux en zijn langdurige fascinatie voor Chinese rolschilderingen. Het werk onderstreepte zijn voortdurende streven om de expressieve mogelijkheden van digitale media te verkennen zonder de traditie van de landschapsschilderkunst los te laten.
Groot eerbetoon
Vorig jaar werd zijn kunstenaarschap gevierd in een groot retrospectief in Fondation Vuitton in Parijs. Toekomstige tentoonstellingen bij Tate in Londen en het Munch Museum in Oslo, evenals andere instellingen, zijn in voorbereiding. Zijn werk was tot afgelopen weekend te zien in de aan Britse schilderkunst gewijde tentoonstelling in Kunstmuseum Den Haag.
Bron: bericht Erica Bolton





