
Spel voor kleine en grote mensen – En de dunne lijn tussen escapisme en urgentie
Spelen is momenteel een trend in de beeldende kunst, maar niet voor iedereen gegeven. De vraag wie er mag spelen, wordt onvoldoende vaak gesteld.
In het voormalige getto in Warschau staat het Museum voor de Geschiedenis van de Poolse Joden (POLIN). Het is een erfgoedinstelling die vertelt over de duizendjarige Joodse geschiedenis in Polen. Tussen de enorme verzameling aan beelden en teksten hangt een kleine, simpele tekening: een oudere man met aan de hand een grote groep kinderen en hun uitgetekende looproute. Dit zijn de kinderen van het weeshuis in Warschau, tussen de twee en twaalf jaar, onderweg naar de deportatieplaats. Kinderarts en pedagoog Janusz Korczak had het weeshuis ingericht als een eigen republiek, met gerechtshof, krant en parlement.
Die ochtend in 1942 stonden de bijna tweehonderd kinderen ruim op tijd klaar. Ooggetuigen vertelden later hoe de kinderen hun netste kleren droegen, fris gewassen, en elk een knapzakje met daarin hun favoriete knuffel, speelgoed of boek. Zowel in opvoeding als in hun laatste momenten in het weeshuis, werden ze ten volle gerespecteerd als kleine mensen, tot ze door de nazi’s als ongewenste vracht op de trein naar Treblinka werden gezet en daar vrijwel zeker zijn vermoord. Na de oorlog deden verhalen de ronde over hoe de kinderen op miraculeuze wijze zouden zijn ontkomen: weer stonden kinderen symbool voor zowel hoop als wanhoop.
Wie mag spelen, wie mag mens zijn? Spelen is momenteel een trend in de hedendaagse kunst. Spel is altijd een terugkerend thema geweest in individuele kunstenaarspraktijken en kunststromingen. Zo wilde de kunst- en protestbeweging Dada terug naar het nulpunt, de kinderlijke onschuld, zoals ‘dada’ ook hobbelpaard betekent in het Frans. Ook surrealistische kunstenaars brachten speelsheid, excentriciteit en het onbewuste naar voren als tegengewicht tegen de modernistische strengheid van voor de oorlog. Volgens Claude Cahun, een Joodse, openlijk lesbische surrealistische kunstenaar, moesten ‘poëzie en kunst vrij zijn om artistiek verzet tegen alle vormen van onderdrukking mogelijk te maken.’1 In Nederland kennen we Cobra, met onder andere Constant Nieuwenhuys en zijn New Babylon-project, geïnspireerd door Guy Debord en in lijn met Johan Huizinga’s concept van de homo ludens die spel zag als een voorwaarde voor cultuur.
Toch rijst de vraag: is spel in kunstcontext iets wat kinderen ‘nodig’ hebben? Of is het vooral een projectie van volwassenen over wat kindzijn is? Een uitdrukking van spel zoals volwassenen het zien? Ingenieus, geësthetiseerd en semi-georganiseerd, waarbij volwassenen het gezag behouden. In kunsttentoonstellingen voor kinderen mag er gerommeld worden, mag je vies worden en zouden er geen regels zijn. Maar dat is natuurlijk niet helemaal waar; we moeten op z’n minst allemaal onze schoenen uit. Nog ironischer is het feit dat de nadruk op ‘alles mag’ vooral de stijfheid van de rest van het museum bevestigt. Wilden we niet juist dat alle kunst ‘alles mag’? Waar ligt de grens tussen vrijheid en performativiteit?
In een tijd waarin het fascisme de boventoon voert, antifascisme als terrorisme wordt bestempeld, censuur en controle genormaliseerd raken, is het begrijpelijk dat mensen willen aanzetten tot meer spel en verbeelding. Maar hoe kunnen we dat doen op een manier die verder gaat dan programmering? Creativiteit is niet alleen bedoeld voor in het museum: ze hoort ook thuis, op de straten, in huizen, in de raadszaal en op school.
Thema's
In een tijd waarin het fascisme de boventoon voert, antifascisme als terrorisme wordt bestempeld, censuur en controle genormaliseerd raken, is het begrijpelijk dat mensen willen aanzetten tot meer spel en verbeelding
Moederschap
De huidige aandacht voor spel in de kunst loopt ongeveer parallel met die voor het ouderschap, preciezer gezegd het moederschap. Ook dit is politiek gezien een hoognodig onderwerp, gezien de rechten van vrouwen wereldwijd ongelooflijk onder druk staan. Tegelijkertijd valt op dat de vrouwen, de moeders, die op de podia staan of de spotlight krijgen in programma’s en media, best op elkaar lijken: cisvrouw, vaker wit, zonder zichtbare fysieke beperkingen en ongeveer van dezelfde leeftijd, namelijk rond de dertig. In het patriarchale systeem is intersectionaliteit voorstaan en, vanwege je eigen bevooroordeelde blik, opzij stappen voor anderen en je individualisme afwijzen, misschien wel het ultieme antipatriarchale verzet. Dat is een uitdaging in een mediacultuur die vrouwen vooral competitieve zichtbaarheid geeft bij de gratie van sterrententoonstellingen, boekenlijsten, podcasts, talkshows, voorkeursstemmen en momfluencerschap. Al eerder boden programma’s als Dipsaus broodnodige herkenning voor moeders van kleur.Want hoe ben je moeder als je voormoeders ergens anders zijn, of je misschien niet eens weet wie die moeders waren? Ouderschap, bij uitstek, gaat om tradities en rituelen doorgeven of juist achter je laten. Het gaat ook over doorgeven hoe je speelt.
Mijn favoriete spel was ‘backstage’, of beter gezegd, stiekem onder het podium kruipen waar optredens plaatsvonden op de pasar malam, waar mijn moeder veertig jaar lang presentatrice was. Levensgevaarlijk natuurlijk maar in mijn herinnering was het een fantastisch doolhof, pikkedonker, met overal obstakels: het leukste was dat ik daar samen met andere kinderen was. Die kinderen waren de kinderen van standhouders. Net als ik waren ze migrantenkinderen, samen onzichtbaar zijn, even de baas over wie ons kon zien. Bij hen, backstage, voelde ik me thuis.
Sinds mei dit jaar gaat er geen dag voorbij dat ik niet denk aan de kinderarts uit Gaza: Dr. Alaa al-Najjar van het Nasser ziekenhuis. Ze is van dezelfde leeftijd als ik en verloor negen van haar kinderen in een bomaanslag door Israël. Haar man overleed de week erna aan de verwondingen en haar enige overlevende zoon van twaalf verloor een arm en been. Toen ze het nieuws hoorde, las ik op verschillende media, rende ze te voet naar hun totaal verwoeste huis. Ze vroeg de reddingswerkers om haar kinderen aan haar te geven, ze wilde hen troosten, al waren hun verbrande lichamen al verkoold, zei men. Sommige van de kinderen kon men niet terugvinden onder het puin. Later las ik dat het gezin ook de Egyptische nationaliteit had en al van plan was om te vertrekken, maar beide ouders waren kinderarts en voelden zich geroepen om de kinderen in Gaza te helpen. De foto waarin ze een aantal van haar in witte lijkzakken gewikkelde kinderen omhelst, is hartverscheurend.
Ruim twintigduizend van de sinds oktober 2023 door Israël vermoorde of vermiste Palestijnen in Gaza is kind. Kinderen zijn de grootste slachtoffers van de oorlogen en genocides in de Democratische Republiek Congo en in Sudan. Kinderen verliezen hun ouders door de ontvoeringen door ICE onder de Amerikaanse president Trump. En kinderen komen op werkelijk gruwelijke wijze om bij pogingen tot oversteken van de Middellandse Zee, waarbij Europese reddingsdiensten regelmatig veel te laat reageren op noodsignalen.
Het blijft wrang: terwijl kinderen op allerlei plekken in de wereld geen enkele kans krijgen om kind te zijn, of ze nu vermoord worden, verminkt of onder zeer erbarmelijke omstandigheden moeten leven, is er in de westerse musea deze hernieuwde fascinatie voor spel
Een verhaal dat dicht bij mijn familiegeschiedenis ligt, gaat over de manier waarop J.P. Coen vierhonderd jaar geleden de genocide op Banda in de Molukken motiveerde. Nederland wilde het monopolie op nootmuskaat, foelie en kruidnagel, maar kon niet onderhandelen met één leider omdat het bestuur van de eilanden gedecentraliseerd was onder verschillende ouderlingen. Bandanezen bedreven al eeuwen vrije handel met mensen van over het hele continent. Coen dwong daarop de ouderlingen om hun eerstgeborenen ter gijzeling af te geven. Hij martelde de kinderen, waarschijnlijk door heel lang water over ze te gieten, totdat een kindje iets kleins zei wat hij kon gebruiken als beschuldiging dat er een aanval beraamd zou worden. Vervolgens heeft hij onder Nederlandse vlag en met hulp van Japanse samurai-huurlingen in enkele weken duizenden Bandanezen laten vermoorden.2 Genocide dus, kwaadaardig vermomd als ‘zelfverdediging’. Het monopolie op deze specerijen maakte Nederland steenrijk en deed de kunst bloeien, maar over wie de prijs betaalden en nog betalen, wordt nauwelijks gesproken.
Het blijft wrang: terwijl kinderen op allerlei plekken in de wereld geen enkele kans krijgen om kind te zijn, of ze nu vermoord worden, verminkt of onder zeer erbarmelijke omstandigheden moeten leven, is er in de westerse musea deze hernieuwde fascinatie voor spel. De uitdaging zit erin om ‘spel’ voorbij de tijdelijke, individualistische ervaring te benaderen. Wat als spel zou gaan over een overstijgende dynamiek, een samenwerking die planetair is, die over grenzen gaat en in solidariteit beweegt met de wereld als geheel? Het is eigenlijk pijnlijk om peuters en kleuters in een sculptuur van dinosauriërs te zien spelen; de voorganger die de aarde bewoonde en in korte tijd grotendeels uitstierf. Generatie Alpha is de generatie die de klimaaturgentie ten volle gaat meemaken. Spelen in musea zal ze daar niet op voorbereiden.
Hoe kunnen spel en de realiteit dan wel samen komen? Kan het minder over de projecties van volwassenen gaan en meer over de weerbaarheid van het kind? Progressief populisme gaat over de confronterende emotie ten volle ondergaan, om vervolgens de verbeeldingskracht en ongebreidelde creativiteit in te kunnen zetten om het anders te doen: dat is nodig.3 Spel niet als tijdelijke uitweg, als activiteit om in het weekend te consumeren of je peuter te stallen, maar als iets wat louterend, levensveranderend en blijvend zal zijn – en voel dat dan maar meteen voor alles in het museum.
METROPOLIS M KAN NIET ZONDER JE STEUN
Trouwe lezers vormen het fundament van Metropolis M. Wij kunnen niet zonder je steun. Je kunt ons steunen door een jaarabonnement af te sluiten. Het eerste jaar krijg je 40% korting. Een regulier jaarabonnement kost 58 euro. Er zijn ook kortingsabonnementen. Studenten/65plussers/CJP-ers/Personen met een minimuminkomen en PLATFORM BK-leden betalen slechts 36 euro voor hun jaarabonnement. Op DEZE PAGINA lees je meer over de verschillende abonnementssoorten en kun je je direct aanmelden.
BIJ VOORBAAT DANK!
DEZE TEKST IS EERDER GEPUBLICEERD IN METROPOLIS M NUMMER 6 2025/26 KINDERSPEL
1: Lenbachhaus München, Surrealisme x Anti-Fascisme, 2024; Zippora Elders, ‘Playing Constant,’ in Playing Constant (Jap Sam Books, verschijnt 2025).
2: Zie: Amitav Ghosh, The Nutmeg’s Curse: Parables for a Planet in Crisis (Chicago: University of Chicago Press, 2021).
3: Zie: Chris Julien, ‘Progressief populisme,’ OneWorld, 10 oktober 2025, https://www.oneworld.nl/mensenrechten/essay-progressief-populisme/
Zippora Elders
is curator, kunsthistoricus en schrijver. Ze is senior curator van het Van Abbemuseum. Vanaf vanaf 1 mei wordt ze directeur van het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam. Verder staat ze op de kandidatenlijst van GroenLinks bij de gemeenteraadsverkiezingen in Amsterdam, waar ze zich met name sterk maakt voor kunst en cultuur voor iedereen. Ze was o.a. directeur van Kunstfort bij Vijfhuizen, co-curator van Sonsbeek20-24 en Hoofd Curatorial Department & Outreach van Gropius Bau in Berlijn




