metropolis m

Yoeri Guépin, ‘The Smallest Gesture;, 2023, still uit film 19,33 min

Als zijn vader wordt gediagnosticeerd met een vorm van dementie besluit Yoeri Guépin om zijn kennis van biodynamische landbouw vast te leggen. Het resulteert in twee films waarin Guépin eerst het ziekteverloop van zijn vader en vervolgens het rouwproces van zijn vaders moeder, oma Guépin-Driehuyzen, in beeld brengt. Lena van Tijen bekijkt de films bij A Tale of A Tub en denkt aan haar eigen vader die bang is zijn geheugen te verliezen.

Begin februari werd mijn vader tachtig. Zijn idee was om het groots te vieren, maar het feestje ging op het laatste moment niet door. Mijn vader had griep. Zoals valt te verwachten op die leeftijd, was de ziekte moeilijk af te schudden. Dit was een teleurstelling. Het verjaardagspartijtje had namelijk een dubbele functie. Naast stilstaan bij een mooi rond getal was het ook een feest van herinnering, in letterlijke zin. Alle genodigden werden geïnstrueerd om, in plaats van een cadeau, een voorwerp mee te nemen en daar voor de camera over te vertellen. Daarna mochten ze het object weer mee naar huis nemen. Het door mijn vader zo genoemde ‘vertelding’ kon verwijzen naar een gedeeld verleden, heden of toekomst.

Ik had geen idee wat ik mee moest nemen. Geen enkel voorwerp leek goed genoeg. En ik was niet de enige met dit probleem. De paar gasten die ik aanloop naar het feest sprak kampten met dezelfde zorgen. We begrepen allemaal hoe belangrijk dit voor mijn vader was. Als kunstenaar en archivaris heeft hij zich altijd beziggehouden met twee zaken: dingen en herinneringen. En daarom kon er niet lichtvoetig omgegaan worden met zijn verzoek. Daarbij komt dat hij, hoe ouder hij wordt, zich steeds meer bezighoudt met vergeten. Doorgaans heeft mijn vader een uitstekend geheugen. Iedere keer dat hij echter niet op een naam of een jaartal kan komen, raakt hij zichtbaar van streek: ‘Kom op hey, alzhei, alzhei!’ roept hij dan. Ik begrijp zijn angst. De afgelopen tijd zijn veel van zijn kennissen en vrienden verloren gegaan aan het vergeten. Een paar jaar terug nog een vriend, voorheen gerenommeerd media en filmprofessor aan de Westminster School of Arts in Londen, die door een zeldzame vorm van dementie die het visuele vermogen aantast, het syndroom van Benson, binnen enkele maanden niet veel meer kon dan telkens hetzelfde rondje lopen door de tuin. En nog recenter een bevriende ontwerper die in een speciaal verpleeghuis terechtkwam en waarvoor mijn vader de ‘AlzheiPad’ aan het ontwikkelen is, een programma voor de iPad waarmee een gebruiker door middel van plaatjes en QR-codes kan communiceren.

Yoeri Guépin, 'As Above So Below', 2023, sill uit film, 7,53 min.

Dementie

Het vertelding en de AlzheiPad zijn voor mijn vader manieren om te helpen het eventuele vergeten van vrienden en van zichzelf tegen te gaan. Afgelopen najaar zag ik een gelijkaardige poging bij A Tale Of A Tub in Rotterdam, waar twee films werden getoond als onderdeel van de solotentoonstelling van Yoeri Guépin. The Smallest Gesture (2023), de film waaraan de tentoonstelling zijn titel ontleent, maakte de Nederlandse kunstenaar in samenspraak met zijn eigen vader, Maarten Guépin, een biologisch dynamische akkerbouwer van beroep waarbij op 58-jarige leeftijd Lewy Body Dementie werd geconstateerd. LBD is een vorm van dementie die vaak gepaard gaat met verschijnselen van de ziekte van Parkinson zoals bevende lichaamsdelen, trage bewegingen, een gebogen houding en een afwijkende manier van lopen. Daarbij kunnen aandachtsstoornissen, verwarring en waanbeelden optreden. LBD wordt getypeerd door een onvoorspelbaar ziekteverloop dat van dag tot dag sterk kan wisselen. Toen de vader van Guépin in 2020 zijn diagnose kreeg, werd hem verteld dat hij nog zeven à acht jaar te leven had. De kunstenaar, die zelf ook een fanatiek tuinder is, kreeg het idee om zijn vaders rijke kennis over de natuur te documenteren voordat deze zou verdwijnen. Tijdens het maken van de film in het voorjaar van 2023 belandde zijn vader door een ontsteking plotseling in een psychose. Het materiaal dat Guépin gedurende het delirium en herstel van zijn vader had geschoten bleek bij het terugkijken te confronterend om te delen, dus besloot hij de film grotendeels te editen uit eerdere testopnamen. De kunstenaar had zijn oorspronkelijke plan voor het project volledig moeten laten varen, vertelt hij wanneer we over de film corresponderen. Op het moment van onze uitwisseling is hij zelf een kersverse ouder en schrijft oprecht: ‘Het samenzijn was voor mij genoeg.’

Hoe is dat samenzijn in beeld gebracht voor een toeschouwer die de film zonder al te veel voorkennis bekijkt? The Smallest Gesture opent met een shot van Maarten Guépin, een man met een licht gebogen houding, spierwit haar en stoppelbaard, die in een moestuin bij zijn flat in Amsterdam Osdorp staat te schoffelen. Met geroutineerde handelingen schuift hij de aarde opzij. Vervolgens hurkt hij bij een groentebed en begint te vertellen: ‘Hier groeit paarse rucola,’ hij staat op en loopt een paar passen verder. ‘Hier zie ik ook nog een verloren boon’, zegt hij, terwijl hij een lange, dunne stengel tussen duim en wijsvinger klemt. ‘Wacht even pap’, klinkt de stem van Guépin vanachter de camera. Het beeld schudt. De kunstenaar gaat verzitten om de hand van zijn vader, met daarin de groene sliert, beter in het kader te krijgen. Dit standpunt luidt een leidmotief in: haast iedere keer dat Maarten Guépins handen in beeld komen gaan ze zorgvuldig en zelfverzekerd te werk. De uitzonderingen zijn als hij het geultje kwijtraakt waarin hij vlak daarvoor sla heeft gezwaaid en wanneer hij tot zijn verbazing niet meer weet hoe hij tomaten van hun steel moet plukken. Telkens dat niet de handen maar de man waaraan ze toebehoren in beeld komt, wordt een andere indruk gewekt. De man is niet langer trefzeker maar afwezig, niet in de natuur maar ergens anders, ver weg. Guépin filmt zijn vader ook op Overduin 1, een van de percelen van de boerderij in Zeeland waar hij oorspronkelijk vandaan komt. Het is hier dat de toeschouwer hem zichzelf ziet verliezen. De kennis heeft hij vaak nog paraat, het delen daarvan gaat moeizaam. Het is knap hoe de kunstenaar, gedurende slechts twintig minuten dat de film duurt, zijn vader kwetsbaar weet neer te zetten zonder dat het meelijwekkend wordt. Hij doet dit door de man te laten uitpraten, ook als hij de draad van zijn verhaal verliest, en door hem te tonen op zijn heldere momenten, als hij het spleetje tussen zijn voortanden bloot lacht, en mindere ogenblikken, wanneer zijn wenkbrauw laag boven zijn ogen hangen en zijn mond een tikkeltje open staat.

De tweede film die Guépin bij A Tale Of A Tub liet zien, As Above So Below (2023), kwam tot stand in de periode dat hij niet met zijn vader kon filmen. De kunstenaar besloot daarop om met zijn oma, Wilfriede Guépin-Driehuyzen, in gesprek te gaan. De 94-jarige Guépin-Driehuyzen was in 1947 betrokken bij de oprichting van de biologisch-dynamische landbouwschool en heeft deze methode haar hele leven in verschillende hoedanigheden gepromoot. Biologisch-dynamisch onderscheid zich van biologisch, legt de kunstenaar uit, doordat deze tak van landbouw het kosmologische integreert met het aardse door gebruik te maken van plantpreparaten en kosmologische (premoderne) rituelen. In de film is te zien hoe zijn oma door een schrift bladert met aantekeningen uit 1948. Terwijl zij de pagina’s omslaat klinken rinkelende windgongen en de donkere tonen van een didgeridoo. Vervolgens is te zien hoe zij, een vrouw met een bevende stem, wit borstelig haar en heldere blik, een blaas van een mannelijk hert vult met duizendblad. De bedoeling is om het zogeheten preparaat zomers in de zon te hangen en daarna in een composthoop te steken waarbij energie vrijkomt, die de grond waarop de compost vervolgens wordt gebruikt weer gezond maakt. ‘[In] dat preparaat zit dus kracht,’ vertelt Guépin-Driehuyzen, ‘En kracht is niet iets wat je zomaar kan zien. De uitwerking van kracht, dat kan je zien.’ Op de achtergrond is een speelse groetentuin zichtbaar. Gedurende de video geeft de oma van de kunstenaar, de moeder van zijn vader, woorden aan de processen die haar zoon nog wel kan uitvoeren maar niet langer kan beschrijven. Zonder het zo te bedoelen benoemt ze wat er met haar kind gebeurt: zijn ziekte kun je niet zien, de gevolgen ervan wel.

Yoeri Guépin, 'The Smallest Gesture;, 2023, still uit film 19,33 min

Een grijze haas op een leeg veld

De films van Guépin laten een diepe indruk op mij achter. Terwijl ik tijdens een wandeling langs strakke, volgeplante akkers loop, denk ik aan de grond, hoe deze is aangedrukt door trekkers en of er zo überhaupt nog kracht vanuit kan gaan. Of we, in een overgecultiveerd land als Nederland, niet langzaam aan het vergeten zijn dat deze grond niet altijd zo rechthoekig was en waar zij van oudsher toe diende, waar zij eigenlijk toe in staat is. In Je keek te ver (2020), een boekje dat is verschenen in Terloops, een reeks van uitgeverij Van Oorschot waarin schrijvers de lezer meenemen op hun favoriete wandeling, beschrijft schrijver en dichter Marjoleine de Vos een dergelijk proces in het Noord-Groningse landschap. Ze vraagt zich af of we sporen van vroegere bedrijvigheid, meer dan tweeduizend jaar oude wierden (door de mens opgeworpen heuvels die bedoeld zijn om overstromingen tegen te gaan) of middeleeuwse wegen, kunnen missen als we ze nooit gezien hebben, als we niet weten dat ze bestaan. Ergens in dit betoog haalt ze een regel aan uit het gedicht One Art van de Amerikaanse dichter Elizabeth Bishop: ‘The art of losing isn’t hard to master’, een zin doorspekt van ironie. Er is niets moeilijkers, merkt De Vos op, want hoewel je in een mensenleven steeds meer verliest, in materiële en immateriële zin, is de echte kunst om het verlies te dragen. ‘Ermee te leven en niet het gevoel te hebben dat je – ik kijk maar eens om me heen – een boom bent waarvan ze steeds takken afzagen, een sloot zonder meidoorn, een grijze haas op een leeg veld.’ 

Met zijn films probeert Guépin de kunst van het verliezen, het verdragen ervan, onder de knie te krijgen. Tegelijkertijd probeert de familie zich er tegen te wapenen door datgene te doen waar ze nog wél controle over hebben: het uitoefenen van eeuwenoude rituelen. Tijdens onze uitwisseling schrijft de kunstenaar dat hij een speciale familieopening heeft gehouden voor zijn tentoonstelling in Rotterdam. Het was een intens maar fijn moment, vertelt hij, omdat de vernissage functioneerde als een veilige omgeving om samen te rouwen en zijn vaders ziekte te bespreken. Daarmee is het project voor Guépin nog niet afgerond. Momenteel zet hij het voort aan de Jan van Eyck Academie in Maastricht, waar hij in residentie is. 

Als ik aan The Smallest Gesture denk, zie ik zijn vader weer staan, een grijze haas op een leeg veld. Plots schieten mijn gedachten van Maarten Guépin terug naar mijn eigen vader en zijn vertelding. Gek eigenlijk dat hij, ondanks zijn angst voor het vergeten, zo graag andermans herinneringen wilde vastleggen in plaats van die van hemzelf. Ik hoop dat hij niet tot zijn negentigste verjaardag wacht met het geven van een volgend feest. En mocht hij dat wel doen, dan hoop ik dat hij tegen die tijd nog net zo pienter is als Wilfriede Guépin-Driehuyzen. Een ding is zeker: bij een toekomstige viering neem ik niets mee. In plaats daarvan zal ik mijn vader, naar voorbeeld van Guépin, vragen mij iets te laten zien waarvan hij hoopt dat het bewaard zal blijven.

Lena van Tijen

is schrijver

Recente artikelen