metropolis m

Nguyen Trinh Thi, Letters from Panduranga

In Leiden opent dit weekend leff, een nieuw en uniek filmfestival, dat geheel gewijd is aan de essayfilm. Denk aan Chris Marker, Chantal Akerman, Johan van der Keuken en Harun Farocki, wier werk tijdens deze eerste editie ook te zien is. Maar centraal staat het werk van een jonge generatie makers, van wie sommigen de academie pas net verlaten hebben. Erik Viskil en Thijs Witty lichten het programma toe.

Domeniek Ruyters

De eerste vraag die zich aandient uiteraard: wat is een essayfilm? De omschrijving die jullie eraan geven, stelt dat het gaat om films van kunstenaars die kritisch nadenken over de wereld. Ik zou bijna zeggen: welke film doet dat niet?

leff: Erik Viskil en Thijs Witty

Dat kritische nadenken over de wereld gaat bij essayfilms altijd vanuit een reflectief proces van de filmmaker zelf. Dat zie je bij een documentaire niet zo snel. Het is deze persoonlijke, zelfkritische zoektocht die essayfilms zo bijzonder maken. Ook spreken deze films de kijker vaak direct aan, bijvoorbeeld via voice-over. Dat is echt wel onderscheidend van bijvoorbeeld een maatschappijkritische dramafilm. Essayfilms zijn vaak hybride: ze maken gebruik van herkenbare conventies van documentaire en fictie. Soms kun je inderdaad beter zeggen dat een documentairefilm essayistische trekken heeft, of dat het om een dramafilm gaat met essayistische terzijdes. Maar een essayfilm die de naam echt verdient is nooit helemaal herleidbaar tot iets anders. De films die we voor deze eerste editie van leff hebben geselecteerd zijn dan ook echt toonaangevend voor het genre.

DR

Hoe komen jullie ertoe een filmfestival daaraan te wijden? En waarom in Leiden?

EV + TW

We leven in een wereld die enorm in verandering is en dat geldt zeker voor de manier waarop we communiceren. We zijn voortdurend met onze smartphones in de weer, we verslinden beeld en slingeren dat weer de wereld in. Het is moeilijk voorstelbaar dat dit geen effecten zal hebben op meer serieuze vormen van informatie-uitwisseling. Schrijven studenten over twintig jaar nog steeds beeldloze scripties? Bestaan wetenschappelijke artikelen dan nog steeds alleen uit woorden? Het is geen absurde gedachte dat we naar nieuwe vormen toegroeien, waarin tekst en beeld beiden een rol spelen. In de essayfilm wordt al decennialang met dit soort vormen geëxperimenteerd. Een festival biedt de mogelijkheid om verschillende verschijningsvormen bij elkaar brengen. Essayistisch werk zien we in galerieën en op biënnales, op festivals voor documentaires en shorts, maar er zijn ook essayfilms die je eerder in een speelfilmcontext tegenkomt.

Waarom Leiden? Hier is een universiteit waar de vraag naar de toekomst van beeld en geluid in onderzoek opkomt. Hier zijn kunstenaars als onderzoekers werkzaam. We hebben al jaren een programma voor studenten van alle faculteiten waarin strategieën van kunstenaars geëxploreerd worden om in andere contexten te worden gebruikt. De essayfilm is daar een prominent onderdeel van. Het initiatief voor leff lag bij ACPA, de Academy for Creative and Performing Arts van deze universiteit, maar we organiseren het festival met anderen samen, bijvoorbeeld de Hogeschool voor de Kunsten Den Haag.

DR

Er zijn veel filmfestivals, bijna in alle genres, die films tonen die jullie ook laten zien. Wat, om het concreet te maken, is het verschil met IDFA?

EV + TW

Bij IDFA zie je inderdaad experimentele en poëtische documentaires en soms ook een essayfilm. Maar ze blijven er vaak in de marge, simpelweg omdat documentaires in de breedte de boventoon voeren. Met leff zetten we de essayfilm zelf centraal. Niet als randverschijnsel, maar als genre dat iets zegt over persoonlijke maakprocessen, maatschappelijke thema’s en de manier waarop film ons aan het denken zet.

We brengen cinema en beeldende kunst bij elkaar, door ook werk te laten zien dat voor kunstruimtes is gemaakt, zoals de twee films van Judith Westerveld. We hebben korte films samengebracht in themaprogramma’s, als Hong Kong Shorts en New Perspectives. Daarnaast vertonen we de laatste producties van Lis Rhodes (Disquiet) en Aura Satz (Preemptive Listening), die in Nederland vermoedelijk niet te zien zouden zijn.

We zetten de essayfilm zelf centraal. Niet als randverschijnsel, maar als genre dat iets zegt over persoonlijke maakprocessen, maatschappelijke thema’s en de manier waarop film ons aan het denken zet

DR

En wat is het voordeel ze in festivalverband te tonen?

EV + TW

Een festival is een ontmoetingsplaats. Voor de meeste essayfilms op ons programma geldt dat ze anders waarschijnlijk op een laptopscherm of in een tentoonstellingsruimte gezien zouden worden. En dat terwijl deze films juist een beroep doen op dialoog en discussie! Met dit festival kunnen we ook meer inzicht krijgen in het genre zelf. Dat lukt met die paar films op andere festivals niet, hoe goed het ook is dat die daar vertoond worden. Eigenlijk beantwoordt leff aan ons verlangen om de essayfilm beter te begrijpen, om door te krijgen welke strategieën hun makers gebruiken en hoe ook anderen daar gebruik van kunnen maken. We zien een enorme potentie in de essayfilm om breder te worden toegepast.

DR

In deze eerste editie doen klassiekers mee, in een speciaal programmaonderdeel, zoals Chris Marker en Harun Farocki, Johan van der Keuken en Chantal Akerman. Hoe werkt hun invloed door in het programma? Hoe bepalend zijn ze met andere woorden voor het genre film dat jullie hier willen definiëren?

EV + TW

Het zijn allemaal zeer originele cineasten, die hun medium zo avontuurlijk beoefenen dat je wel kunt zeggen dat hun invloed onmiskenbaar is. Farocki wordt vaak genoemd door jonge politiek geëngageerde filmmakers als bron van inspiratie, zie bijvoorbeeld Bo Wang en Franzis Kabisch, die allebei te zien zijn op ons festival. Akermans films worden bij de beste auteursfilms aller tijden gerekend, en zij heeft haar sporen juist verdiend met experimentele films die we nu als essayfilms erkennen. Wij definiëren de essayfilm niet zozeer met deze keuzes –
misschien alleen in historisch perspectief –, maar zijn juist benieuwd naar hoe invloedrijke films uit het verleden zich tot het werk van vandaag de dag verhouden. Het festival is net zo goed een onderzoek als een presentatie.

Harun Farocki, Gegen Musik
DR

Een essayfilm is doorgaans niet heel licht verteerbaar. Het vraagt soms wat verwerkingstijd. Wat doe je daarmee als festival? Richt je het festival anders in, daar rekening mee houdend? Zijn er nagesprekken, etc.?

Dit hebben we inderdaad al vroeg met elkaar besproken, deels omdat essayfilms zeker niet altijd vermaak bieden en ze de kijker vaak in een actieve, bijna participerende rol dwingen: veel betekenis ontstaat pas wanneer je zelf connecties maakt tussen bepaalde sequenties van beelden en geluiden. Nagesprekken vormen dus een belangrijk onderdeel van het festival. We hopen op een continue dialoog, waarbij bezoekers niet alleen hun impressies met elkaar kunnen delen, maar gezamenlijk tot nieuwe inzichten komen. Er zijn ook essayfilms die heel subtiel kunnen provoceren, denk bijvoorbeeld aan de uiterst knappe montage van Alexander Horwaths Henry Fonda for President: die moet je enerzijds gewoon ondergaan, maar na afloop zul je al snel denken: maar wacht eens even, klopt dit wel?

DR

De klassieke namen maken ook nieuwsgierig naar wie de namen van nu zijn. Het werk van die klassiekers is nu eenmaal soms al een halve eeuw oud. Het genre heeft zich doorontwikkeld, neem ik aan. Hoe definieert dit festival die ontwikkeling? Of beweegt alles juist weer terug in de richting van de klassiekers?

Eigenlijk kun je beter stellen dat ‘de’ essayfilm niet bestaat, omdat elke essayfilm het genre opnieuw probeert uit te vinden. Misschien kun je het wat dat betreft nog het beste met de avant-garde vergelijken: een permanente zoektocht naar vernieuwing. Tegelijkertijd viel onze blik tijdens het selectieproces wel op bepaalde ‘terugkerende’ of misschien zelfs tijdloze aspecten van de traditie: de twijfel die uit veel essayfilms spreekt, de fascinatie met hoe ogenschijnlijk willekeurige beelden door montage of voice-over ineens een heel specifieke betekenis oproepen, de individualiteit van een essayfilm vergeleken met een gelikte productie van een grote studio.

Het is een cinema die niet alleen de wereld wil tonen zoals die is, maar ook wil veranderen

Matthijs van de Port, Where can I get lost
DR

Wat zijn de tendensen die jullie als festival laten zien? Of is het, zoals het essay als het ware aangeeft, een meer op het individu gericht festival?

EV + TW

In de geschiedenis van het genre waren het vaak politieke en esthetische vernieuwers (denk aan Agnès Varda of Alexander Kluge) die de tendensen bepaalden, simpelweg omdat men niet om hun essayistische perspectieven heen kon. Je kunt zeker stellen dat tendensen van socialistische film – dus een cinema die niet alleen de wereld wil tonen zoals die is, maar ook wil veranderen – nog steeds in veel nieuwe essayfilms aanwezig zijn. Toch is de wereld gefragmenteerder dan in de jaren zestig of zeventig, en zijn de mogelijke perspectieven veel diffuser. Daar gaan veel recente essayfilms op in: hoe kun je nog een panoramabeeld van de wereld verkrijgen als alles zo is opgeknipt? Je ziet die vraag telkens op een net andere wijze terugkeren in de films van Bahar Noorizadeh, Miko Revereza en Bertrand Bonello, die qua onderwerp en esthetiek enorm verschillend zijn.

DR

Zijn er bepaalde trekkers die speciale aandacht verdienen?

EV + TW

Dat zijn de jonge kunstenaars die tegen beter weten in zoeken naar een oprechte verhouding tot hun gekozen onderwerp, vaak met beperkte middelen en weinig garanties op conventioneel succes. De korte film van Susanna Tomassini, The Southern Thruway, gaat over een existentieel probleem: hoe kunnen jonge mensen zich nog een eigen huis voorstellen? Het ‘documenteert’ niet zozeer het probleem van de wooncrisis, laat staan een oplossing ervoor, maar maakt juist op heel subjectieve wijze invoelbaar wat het betekent voor een concreet persoon om met zo’n onzekerheid te leven. Behalve werk van enkele kunstenaars die in de afgelopen jaren de academie hebben verlaten, tonen we ook een film van visueel antropoloog Mattijs van de Port, die de essayvorm gebruikt om zijn vakgebied te vernieuwen. Een van de meest aansprekende en aangrijpende films van het festival is het recente Nowhere Near van Miko Revereza, die als illegaal de Verenigde Staten besluit te verlaten.

DR

Voor wie is het festival bedoeld?

EV + TW

LEFF is er voor verschillende publieken. Sowieso voor iedereen die zoekt naar verdieping en verwondering. Het is er ook voor mensen die verveeld zijn door de conventies van fictie en documentaire. De essayfilms op leff hebben een uitzonderlijke schoonheid, juist omdat ze vaak rauw en ambivalent zijn, ook dat maakt mensen hopelijk nieuwsgierig. En leff is er voor diegenen die vernieuwing zoeken in mogelijkheden om onderzoek te doen en er verslag van te doen, zoals studenten, kunstenaars en wetenschappers, die hopelijk de camera en montagetafel als instrumentarium ontdekken.

leff, Cinema Kijkhuis en Museum De Lakenhal, Leiden, 14.9 t/m 16.9.2025 Meer info HIER

Domeniek Ruyters

is hoofdredacteur van Metropolis M

Recente artikelen