Joachim Koester
Joachim Koester
Ijs en sneeuw als suikerbrood
Als studente algemene literatuurwetenschappen schreef ik mij ooit in voor een werkgroep die zich bezighield met het (literaire) taalgebruik met betrekking tot het waddengebied. Na ons te hebben verdiept in theorieën over landschapsbeschrijving, dobberden we – vier studenten en een gedreven docent – wekenlang in eindeloze woordenreeksen. We worstelden ons door alle tinten grijs – met her en der een randje blauw of bruin – die je maar kunt beschrijven. We lazen over elke klimatologische variant die mogelijk is in dit voor Noord-Nederland en Noord-Duitsland unieke kustlandschap, dat voornamelijk uit water, aarde en lucht bestaat. Een archetypisch, niet-uitwisselbaar taalgebruik met betrekking tot het wad konden we niet blootleggen; alsof we in de blubber waren blijven steken.
Een nog veel elementairder landschap is te vinden op Groenland. Slechts een kleine kuststrook van dit eiland is daadwerkelijk groen. Het grootste deel bestaat uit sneeuw en ijs: water gestold tot vele verschillende landschappen. Het meest recente werk van Joachim Koester, Nordenskiöld and the Ice Cap (2000), betreft dit mythische landschap: een reusachtige gletsjer die voortdurend van gedaante verandert, zoals ook een woestijn permanent in beweging is. Het is een instabiel land waar eeuwenlang een ondoorgrondelijk geheim aan werd toegedicht, dankzij de ontoegankelijkheid van het vaak moordende ijs. Koester heeft dit landschap gefotografeerd op een reis die hij op Groenland maakte in de voetsporen van A.E. Nordenskiöld. Deze Zweedse wetenschapper ondernam in 1870 een poging om het geheim van Groenland te doorgronden tijdens een tocht van zeven dagen over het ijs. Koester verdiepte zich in Nordenskiölds dagboeken en andere geschriften omtrent die tocht en maakte uiteindelijk een diaserie waarin hij de ijsbeelden lardeert met citaten uit de dagboeken. De ijsbergen en ijskloven volgen elkaar met vloeiende overgangen op, komen dichterbij of wijken terug en vormen een ritmisch, bijna hypnotiserend spel van licht en schaduw op witte sneeuw, en op een witte muur of scherm. Beeld en tekst worden over elkaar heen geprojecteerd en hebben elk een andere omlooptijd. Zo herken je na verloop van tijd bepaalde kloven of vlaktes en je leest: ‘…despite all the carefully created signs for recognition…only with …be found again’. Parallel aan de herhaling van het beeld, verdubbelt zich ook de verslaggeving van Nordenskiöld. Verdubbeling op verdubbeling geeft een gevoel van desoriëntatie die, getuige de tekstfragmenten, ook Nordenskiöld gevoeld moet hebben op de ijskap. Niet alleen in letterlijke zin, maar op een veel fundamenteler niveau, namelijk dat van de taal. Hoe een landschap te beschrijven dat zich op elke manier onttrekt aan de referentiekaders die je hebt, dat zich niet laat vangen in het vocabulaire dat je tot je beschikking hebt? S 40 degrees W, a high mountain, covered with snow very far away. Sugar loaf? Het Groenlandse ijs bleek te abstract voor Nordenskiöld in visueel en existentieel opzicht.
Nordenskiöld and the Ice Cap was recentelijk te zien in een solotentoonstelling van Koester in het Centre National de la Photographie in Parijs. Er waren ook foto’s geëxposeerd uit de serie Row Housing (1999), een diapresentatie van het werk Day for Night, Christiania (1996) en de video-installatie Pit Music (1996). Of het nu de wederwaardigheden van het plaatsje Resolute in het arctische Canada betreft, de even verwrongen geschiedenis van de vrijstaat Christiania in Kopenhagen of het verloop van een vernissage met strijkkwartet, Koester portretteert ze vrij droog op foto, video en film. In de montage of in de manier waarop hij de beelden samenbrengt, weet hij een schijnbaar enkelvoudige realiteit van al deze locaties op een bijzonder poëtische wijze tot uitdrukking te brengen, steeds op een nieuwe manier, steeds met een ander uitgangspunt. Zoals de realiteit, die hij ontrafelt in zijn werken, complex is samengesteld, zo heeft hij zijn werken ook weer uit meerdere lagen opgebouwd. Dat elementen je ontglippen als toeschouwer is daar inherent aan, maar desondanks verliest het werk op geen enkel moment zijn kracht. Integendeel, dat is er juist fascinerend aan, zoals ook het permanent bewegende landschap van de Groenlandse ijskap zijn mythische en abstracte karakter altijd heeft behouden.
Joachim Koester
Centre National de la Photographie, Parijs
7 maart – 14 mei
Claudine Hellweg





