metropolis m

We hebben de vernieuwing van de website, met ons nieuwe online archief, nog niet aan de grote klok gehangen. Er is nog veel werk te verzetten voordat de site werkt zoals die bedoeld is te werken. Maar ondertussen kun je via het ingebouwde zoekprogramma wel al veel tegenkomen, zoals een bijzonder artikel over Groningen van Ruby de Vos, gevonden na het intoetsen van het woord ‘regio’. Online presenteren we nu en dan stadsportretten waarin we in een paar artikelen een lokale kunstscene bespreken, geschreven door in die stad gevestigde auteurs. Na Tilburg, Nijmegen, Maastricht en Arnhem is ook Groningen aan bod gekomen, dit keer in de vorm van een breder essay onder de titel ‘Het centrum verleggen – een kleine kunstecologie van de stad Groningen’. 

De Groningse kunstscene lucht zijn hart bij De Vos, over de mate waarin ze wordt weggezet als periferie (letterlijk randgebied of achterland) – de reis van twee uur vanuit de randstad niet waard. Als kunststad probeert Groningen zich af te zetten tegen dat idee, maar tegelijkertijd moet ze zich er steeds toe verhouden. Waarom eigenlijk? 

Net zo erg als periferie is het woord ‘regio’, zegt Ellen de Haan van kunstinitiatief het resort. Ze maakt zich boos over de manier waarop het Mondriaan Fonds het woord steeds gebruikt. ‘Het zijn schadelijke woorden. Je voelt je meteen klein.’ Anderen omarmen de begrippen juist, zoals Pieter Augustijn van ARTisBOOK. Hij ziet het als een interessante positie om vanuit te werken. ‘Er is ruimte voor nieuwe ideeën en andere organisatievormen,’ zegt hij. ‘Je kunt toebewegen naar zo’n centrum, maar het ook verleggen.’ Zelf is hij vanuit Groningen meer bezig met Hamburg en Bremen dan met de Randstad: ook interessant.

Ikzelf ben opgegroeid in Eindhoven en bezocht in die jaren veelvuldig het Van Abbemuseum. Het Rijnland met zijn vele musea en galeries was daar dichterbij dan Amsterdam, zeker in het museum van Rudi Fuchs, dat inhoudelijk sterk op het Oosten georiënteerd was. Het geeft maar aan hoe relatief de term regio is.

Uit het stuk van De Vos blijkt hoe bewust de Groningse kunstgemeenschap bezig is met groei, de eigen positionering, de mate waarin de stad kan bijdragen aan internationale kunstcarrières. Iedereen in het veld wordt erop aangesproken, ook de directeur van het Groninger Museum, die moet erkennen dat het museum tekort schiet in de ondersteuning van de eigen kunstscene. Juist het museum heeft daar een taak te vervullen, voor de stap omhoog, de verbinding naar buiten, om zich te laten zien. Maar verbinding met elkaar is dat net zo goed.

Ik lees het terug in het recente advies van de Raad voor Cultuur voor het cultuurbestel na 2029. De vaste ingrediënten van het cultuurbeleid, spreiding en participatie, zijn niet los van elkaar te zien. ‘Het is een dubbele uitdaging’, schreef Steven ten Thije al in 2022 voor dit blad. Hij schrijft wat dat betreft veel te leren van immigrantengroepen, waarvan de kinderen het huis uit trekken en carrière maken, maar die persoonlijke groei perfect weten te combineren met de identificatie met de eigen gemeenschap. Onze samenleving als geheel zou er veel van kunnen leren. Het toont, vindt hij, het belang van een andere beweging. Niet die van het centrum naar de regio, zoals cultuurbeleid vaak wordt voorgesteld, maar andersom, van de regio naar het centrum. Laat dat nou net een rode draad zijn in dit nummer.

Domeniek Ruyters

is hoofdredacteur van Metropolis M

Recente artikelen