metropolis m

Hoe immersief wil je het hebben? In de tentoonstelling van Jota Mombaça bij West in Den Haag (t/m 8.12.2024) is een bruine ruimte die werkt als een dood spoor, je kunt niet verder, zit er opgesloten, achter de bruin geschilderde vensters. Op de muren bedwelmende verf, precies dezelfde als die gebruikt wordt in detentiecentra voor migranten in Amerika. Om je rustig te houden.

Noem het een hype. In Venetië bij de Biënnale van dit moment is bijna geen paviljoen dat niet alles uit de kast trekt om de bezoeker helemaal onder te dompelen in het verhaal. Werk en omgeving vervloeien in totaalinstallaties die je al wandelend in je op kunt nemen. Bij sommige paviljoens geldt een bezoekersstop en mag slechts een handvol bezoekers tegelijkertijd naar binnen, met gevolg dat er zich op drukke momenten een lange rij vormt. Het versterkt het pretparkachtige gevoel, dat in Venetië toch al niet ver weg is, van een attractie die je lang laat wachten, maar vervolgens zelf zo voorbij is.  Dat overkwam mij bijvoorbeeld bij het Servisch paviljoen, waar ik lang moest wachten om toegang te krijgen tot een nachtelijk historisch museum met een aantal exact nagebouwde ruimtes uit communistische tijd. Binnen een paar minuten stond ik alweer buiten.

De vluchtigheid van immersiviteit leidt tot scepsis bij kunstcritici die haar een gebrek aan diepgang verwijten. Ze zien de huidige behoefte aan onderdompeling bij het publiek als een vorm van intellectuele vervlakking met kunst die inzet op vermaak. Hoewel die critici bij hun kritiek veelal aan de gamecultuur ontleende digitale projecties voor ogen hebben, die je, zoals bij de Sphere in Las Vegas, letterlijk opslorpen in spektakel, zijn ze ook sceptisch over de gevolgen van het strevn naar kijkgemak in de kunstwereld in bredere zin. 

Hoe begrijpelijk die kritiek ook is, er is ook immersiviteit die het publiek juist  langdurig bindt omdat ze iets te vertellen heeft, een standpunt wil verkondigen. Dit najaar bieden de immersieve tentoonstellingen van Emirhakin bij W139 en van Marcel van den Berg en Em’kal Eyongakpa bij Metro54 intrigerende multi-sensorische installaties die reflecteren op macht en oorlog. In het half duister wordt de bezoeker meegevoerd langs een reeks kritische reflecties over de houding van het Westen in de grote oorlogen van dit moment.

Ook bij Offspring van De Ateliers en Open Studios van de Rijksakademie van afgelopen juni waren er meerdere immersieve installaties die angstaanjagend accuraat het failliet van de hedendaagse politiek aankaartten, in een wereld die piepend en krakend tot stilstand komt. In die lijn staan we in dit nummer uitgebreid stil bij de evenzo zeer kritische tentoonstelling Monte di Pietà van Christoph Büchel bij Fondazione Prada in Venetië, die een overweldigende maar ook zeer gelaagde installatie maakte waar je als publiek volledig in kunt verdwijnen. Zij zit vol anekdotes en verhaallijnen over kunst, de wereld en de economie die alle kanten opvliegen. 

De golf van immersiviteit van het moment ligt in het verlengde van een veel bredere oriëntatie naar andere vormen van aandacht die vaak vanuit meer diverse culturele opvattingen afgelopen jaren in het westerse kunstcircuit zijn geïntroduceerd. Een bekend en veelbesproken voorbeeld is documenta fifteen, dat op alle mogelijke manieren een nieuw publiek aan zich wilde binden, niet volgens de normen van de white cube, maar anders, interactief, laagdrempelig, ongebonden, met veel aandacht voor individuele wensen. Ook in deze presentaties wordt afgeweken van de contemplatieve westerse standaard die de white cube aan de westerse kunstwereld oplegt, om ruimte te maken voor een rijk palet aan alternatieve interacties met het publiek, van massages tot concerten, van workshops tot theeceremonies. Tot de grote westerse kunstinstellingen krijgen deze nieuwe vormen artistieke onderdompeling nog slechts mondjesmaat toegang, gehecht als ze zijn aan hun lucratieve economie van oogstrelende presentaties, maar de ontwikkeling zet door. De huidige golf van immersieve installaties past in die beweging, weg van de witte westerse kijknorm, naar een ongebonden vorm van kunstbeschouwing.

Domeniek Ruyters

is hoofdredacteur van Metropolis M

Recente artikelen