Politieke koehandel: waarom de collectie van het M HKA naar het S.M.A.K. moet verhuizen
In De Morgen hekelt Danny Ilegems, journalist voor De Morgen en HUMO, het museumplan van Vlaams minister Caroline Gennez.
Danny Ilegems schrijft over de al jaren bestaande klachten over het M HKA. Kunstenaars en galeriehouders klagen steen en been over het feit dat het museum de stad volkomen negeert. Soms wordt er een werk aangekocht voor de inmiddels uit 5000 werken bestaande collectie, om in de meeste gevallen nooit meer boven water te komen. ‘Veel meer dan een bewaarplaats is het M HKA een begraafplaats van hedendaagse kunst geworden’, schrijft Ilegems.
Ook de museumbezoekers zijn ontevreden. ‘Slechts heel zelden gebeurt er iets memorabels, dat ogen opent en harten sneller doet slaan. En als het gebeurt, mag het meestal op het conto worden geschreven van een kunstenaar. Zo heeft Luc Tuymans zich drie keer ter beschikking gesteld als onbezoldigde curator: met Trouble Spot Painting in 1999 (samen met Narcisse Tordoir), The Gap in 2016 en Sanguine in 2018. Telkens kreeg het M HKA heel even de internationale allure die het met zijn reguliere werking niet heeft.’
De veelgehoorde klachten over het archaïsche gebouw zijn ook al terecht, zegt Ilegems. Er is ruimte voor niks: de eigen collectie, noch een fatsoenlijk restaurant.
En nu klaagt de Antwerpse kunstwereld over het plan van de Vlaamse minister van Cultuur om het M HKA te ontmantelen als museum en er een kunstencentrum van te maken. ‘Ook terecht’, schrijft Ilegems, om het plan vervolgens tot de grond toe af te branden.
Hoe verzin je het een collectie van 5.000 werken over te verhuizen naar een museum waar ze al geen raad weten met hun collectie van 3.000 werken? Een museum bovendien dat nog meer dan het M HKA lijdt onder ruimtegebrek. Het plan getuigt ook van een zorgwekkend gebrek aan historisch bewustzijn, vervolgt Ilegems. ‘Het M HKA is ontstaan uit het ICC, de eerste publieke instelling voor hedendaagse kunst van het land, waarrond de Antwerpse avant-garde uit de jaren zestig en zeventig zich verzamelde en waarop de latere generaties voortborduurden. Die geschiedenis zit verankerd in de collectie van het M HKA. Dat deel van de collectie verschepen naar Gent, is hetzelfde als de meesterwerken van Rubens en Van Dijck uit het KMSKA op transport zetten naar pakweg Hasselt. Absurd.’
Zoals de gedachte dat het M HKA zonder collectie ineens naar internationale hoogtes stijgt, meer heeft van een politieke wensdroom. Daarvoor zal er toch echt iets binnen de organisatie van het museum moeten gebeuren, schrijft Ilegems.
Vervolgens komt Ilegems tot de kern, de politieke koehandel die hij achter het onzalige plan van Gennez (lid van de politieke partij Vooruit) vermoedt. ‘Vlaanderen neemt het S.M.A.K. over van de armlastige stad Gent, waar Vooruit de cultuur bestiert. Zoals Vlaanderen ook het Museum Hof van Busleyden overneemt van de stad Mechelen, de thuishaven van Gennez, waar Vooruit meebestuurt, en waar het vorige bestuur een bloeiende lokale speler in hedendaagse kunst – De Garage – feestelijk naar de knoppen heeft geholpen. En in Antwerpen wrijft de N-VA zich ongetwijfeld al in de handen. Nu de nieuwbouw van het M HKA niet doorgaat, komt de site op de Waalse Kaai (waar eens het hof van beroep gevestigd was) weer vrij. Valt vast een voordelige deal over te sluiten met de vrienden uit de immo.’
Dit zijn vermoedens uiteraard, maar wat de diepere motivatie achter het plan van Gennez ook mag zijn, in de huidige vorm geeft Ilegems het weinig kans van slagen.
Lees het hele verhaal in De Morgen





