metropolis m

Velko Kalchev

Een koeienhuid van handdoeken, keramieken buizen met gezichten, verstopte schilderijen; de afstuderende kunstenaar van de Gerrit Rietveld Academie omarmen hun ongrijpbare eigenheid. Het leidt tot originele en plezierige werken. Stella Kummer bezoekt de Graduation Show.

Een graduation show bezoeken heeft vaak iets weg van een speurtocht: aan de hand van een (vaak) onduidelijke plattegrond verplaats je je door nieuwe werelden, op zoek naar schatten en nieuwe ideeën. Soms raak je verdwaald, zowel fysiek als mentaal, om dan plots weer de weg te vinden. De kunstenaars die dit jaar afstuderen van de Gerrit Rietveld Academie lijken die verdwaalde toestand nog extra aan te willen wakkeren. De ‘echte’ wereld bevindt zich vaak ver op de achtergrond, waardoor het hele terrein van de academie tot een soort alternatieve werkelijkheid transformeert. Met groot plezier dwaal ik rond in deze wereld.

Bij binnenkomst op het Rietveld-terrein vallen mij als eerste de draden op die Kateryna Lymar (Fine Art) tussen verschillende gebouwen spande. Ze doen denken aan bovengrondse elektriciteitskabels  die als vliegtuigsporen door de lucht hangen en zich daardoor ook wat op de achtergrond bevinden. Ook Velko Kalchev (Graphic Design) gebruikt het terrein als inspiratie. Vanuit een klaslokaal staarde Kalchev vaak naar het dak van het Paviljoengebouw. Nu staar ik naar Kalchev, die daar op datzelfde dak staat en woorden schildert. Hij vroeg de studenten en het personeel om berichten te sturen die zij wilden ‘uitzenden’ naar de rest van de school. Het dak functioneert nu als een billboard met in elkaar overlopende boodschappen: ‘what if no one celebrated Kingsday / i’m a / a treehouse’.

Bij Fine Art staat de politieke realiteit van buiten de academie op de grootste afstand. De studenten durven cryptisch, experimenteel en vaag te zijn. Het voelt verfrissend, wat ook te danken is aan het maakplezier dat de werken uitstralen. Fadri Brunners werk bevindt zich op meerdere plekken zowel in het pand als daarbuiten. Twee muurschilderingen van een palmboom en iemand die een foto maakt staan tegenover elkaar. Bij de een is de boom in de brand gevlogen. Een gevolg van onze drang tot vastleggen? Op een van hout gemaakte laars vorm zijn foto’s geprint: tulpen, een aperol spritz, wolken met daarop een cijfertekening. Later kom ik kleine raadselachtige kleisculpturen van Brunner tegen. Er zit een soort onlogische logica in zijn werken, die hun fragmentarische natuur toch als een geheel laat aanvoelen. Als ik na mijn bezoek het terrein afloop, staat daar een groot bord van Brunner met daarop in rode letters: was this trip really necessary? ‘Ja,’ kan ik alleen maar denken.

Die noodzakelijkheid waar Brunner op doelt is in veel werken te vinden. Ook bij Ian Marquez García, die in zijn videowerk stilstaande scènes laat zien, alsof de film plots op pauze is gezet. Het zijn intieme beelden, die binnenkomen door hun eenvoud. De acteurs proberen stil te zitten maar forceren niks; ze knipperen, bewegen hun lippen. Een auto rijdt langs. De wind beweegt een pluk haar. Op de plattegrond zie ik dat Marquez García ook in de kelder werk toont: de start van een nieuwe speurtocht. Ik loop langs verschillende werkplaatsen en stap dan een met graffiti gevulde ruimte in waar een krijt schoolbord staat. Op het bord zijn Egyptische figuren getekend. Het voelt alsof ik een schat heb ontdekt waar niemand vanaf weet.

In de kelder is ook een schilderij van Jill van Grinsven tussen de kartonnen dozen te vinden. De glimmende donkere olieverf heeft iets mysterieus. Dit wordt versterkt door het feit dat ik het hele schilderij niet kan zien; er staan te veel dozen voor. Een werk van Rosa Meertens voelt ook als een stiekeme ontdekking. In een donkere ruimte staat een wit bord met daarop de tekst: ‘Op 11 Oktober om 11.31 is er in het Concertgebouw te Amsterdam een nieuwe vorm geplaatst in een oude vorm. Besloten is dat dit object op bovengenoemde plaats zal verblijven voor onbepaalde tijd.’ Er is geen verdere toelichting, maar meer informatie heb ik ook niet nodig.

Hannah Falcone van de afdeling Jewellery – Linking Bodies contrasteert met die mysterieuze werken door een concrete handeling uit te voeren: Falcone vroeg de directeur van de Rietveld om van plek te wisselen. Falcone neemt tijdens de graduation show plaats in het kantoor van de directeur en de directeur en haar assistent werken in de afstudeertentoonstelling. Elke dag is er daarnaast een moment om de directeur vragen te stellen over het directeurschap. En ja hoor, in de tentoonstellingsruimte zit directeur Miriam Bestebreurtje achter haar computer te werken, compleet met boeken, post-its en koffie. Het bekijken van het werk voelt raar en ongemakkelijk. En het werk dat verricht wordt, krijgt plots een performatieve lading.

Bij de andere afdelingen zijn er werken die zich wat directer relateren aan de realiteit. Florian Sigl van de afdeling Architectural Design deed onderzoek naar ventilatietechnieken. Als toelichting van zijn werk is er een kort fragment te lezen van een ventilatietechnicus die over de ventilatie in verschillende musea praat: ‘Rijksmuseum, I do twice a year. Too many people there: and too much dust.’ Zijn werk bestaat uit gebruikt ventilatie materiaal. Van het plafond tot de grond hangen vieze stukken stof die gebruikt worden in ventilatieroosters. Tegen de wand bouwde Sigl een muur van kartonnen dozen van de filters. ‘Clean Air Everywhere’ staat in hoofdletters op de dozen. De herhalende tekst en ventilatiefilters vormen een soort mantra.

Bowie van der Loo van de afdeling VAV – moving image vroeg drie kinderen om een film te maken. Van der Loo maakte weer een film over die films. Het resultaat is een innig, aandoenlijk en grappig werk waarin je volledig in de mysterieuze kinderwerelden stapt. Ze filmen hun ouders, egels en vlinders. En zichzelf terwijl ze radslagen doen, op de trampoline springen, ninja spelen. Uit dit werk straalt ook ontzettend veel maakplezier en noodzaak, vanuit de kinderen, maar ook uit Van der Loo. Eén van mijn favoriete scènes is van één van de kinderen die zichzelf filmt terwijl ze in een boom is geklommen. De camera toont haar vader die bezorgd toekijkt. Ze vertelt dat hij niet wil dat ze in de boom klimt, maar dat doet er niet toe, want zij is de baas.

Roya Hes (VAV) maakt als één van de weinigen dit jaar, uitgesproken politiek werk. Vanuit een vegan feministisch oogpunt onderzoekt ze de intersectie van dieren- en vrouwenonderdrukking. Bezoekers worden uitgenodigd om aan de gedekte tafel plaats te nemen en over hun persoonlijke relatie met melk te schrijven. Op tafel staat een melk-lekkende glazen borst, een geleitaart en gelei-eieren met daarin gebruikte tampons en er liggen glazen clitorissen. Op de muur staat de vraag: ‘Should animal products be 18+?’ Jongeren worden met regels beschermd voor het geweld in games en films, waarom zouden zij dan niet beschermd moeten worden voor dierlijke producten waar daadwerkelijk geweld aan te pas is gekomen?

Ondanks dat veel werken afstand nemen van de harde politieke realiteit waarin we leven, stralen ze hoop uit. Dat is denk ik vooral te danken aan het feit dat de afstudeerders ruimte hebben gegeven aan hun drang om te maken, te creëren. Met als resultaat een afstudeershow waar eigenheid de boventoon voert en ja, dat is noodzakelijk.

De Rietveld Graduation Show was van 1 t/m 5 juli te bezoeken

IN AUGUSTUS PRESENTEERT METROPOLIS M ZIJN JAARLIJKSE GRADUATION SPECIAL: MEER DAN ZESTIG PORTRETTEN VAN KUNSTENAARS DIE DIT JAAR AFSTUDEERDEN OP DE KUNSTACADEMIES IN NEDERLAND EN BELGIË. ALS JE NU EEN JAARABONNEMENT AFSLUIT STUREN WE HET JE GRATIS OP. MAIL [email protected]

Stella Kummer

is schrijver en webredacteur bij Metropolis M

Gerelateerd

Recente artikelen